pimenlotte.reismee.nl

Pura Vida!

Pura vida! (bedankt, proost en het goede leven!) Het is bijna zover..! Morgen vliegen we via Madrid naar huis!! De negen maanden zijn echt voorbij gevlogen. We hebben een geweldige tijd gehad en zouden het zo weer doen! En iedereen aanraden! Hier volgt dus het laatste verhaal op onze site.. Hij heeft er een tijd uit gelegen, door problemen bij reismee.nl. Het werkt nu gelukkig wel weer en alle foto's er verhalen staan er nog op, alleen zijn we al jullie reacties en de maillijst kwijt. Echt balen..! Maar ze kunnen er bij reismee niks meer aan doen helaas. We genieten nu nog van een heerlijk zwembadje op het dakterras van ons hotel, met een mooi uitzicht op Panama stad. De afgelopen dagen zijn we in Kuna Yala geweest, ook wel de San Blas archipel genoemd. En dat was echt bijzonder mooi..! Het bestaat uit 357 eilandjes, waarvan er slechts zo'n veertig bewoond zijn. Het eilandje waar wij twee dagen verbleven heette Guanidup: een mini eilandje, nog kleiner dan een voetbalveld, met tien kleine cabanas met een palmbladerendak en een vloer van zand. Het zeewater was helderblauw en de stranden wit. Verder stonden er tientallen palmbomen met hangmatjes en een schommel.. We hadden als uitzicht natuurlijk de zee, maar ook een onbewoons eilandje met palmbomen, zo'n dertig meter verderop. Én de zon scheen volop. Meer hadden we echt niet nodig! We hebben heerlijk gezwommen, gesnorkeld en gelezen. Ook zijn we nog met de boot naar Isla Perro (Dog Island) geweest om te snorkelen bij een gezonken boot en hebben we een lokale Kuna gemeenschap bezocht. Bij die laatste waren ze die dag een ceremonie aan het houden voor een meisje van twaalf. Omdat ze op die leeftijd puber wordt, worden haar haren afgeknipt en begraven. Die ceremonie duurt drie dagen.. Wij hebben er niet al te veel van gezien, want in het rieten gebouw waar het werd gevierd was het zo verschrikkelijk warm dat we het maximaal tien minuten uit konden houden. We zagen sigaret rokende Kuna vrouwen in hun traditionele kleding een alcoholisch drankje vullen in hun kokosnoot en ze liepen vervolgens in een rij al stampend/dansend het gebouw uit, om vervolgens het ritueel weer te herhalen.. Het was daarnaast ook mooi om te zien hoe ze wonen en leven. Met 2300 man op een klein eiland.. Vanmorgen moesten we het heerlijke eilandje helaas verlaten en zijn we met de boot naar het vasteland gebracht. Vervolgens met een jeep weer naar Panama stad. Hier doen we niet zoveel meer want we zijn hier een aantal weken geleden ook al geweest. Op 20 juni kwamen we toen hier aan, vanuit Miami. Dat was een korte vlucht van maar drie uur. Het viel ons op dat het hier behoorlijk ontwikkeld is allemaal. Het heeft een skyline van hoogbouw en wolkenkrabbers en eromheen ligt veel groen regenwoud. We hebben er die eerste week het Panama kanaal bezocht, de zogenaamde Miraflores locks. We konden goed zien hoe de grote containerschepen door de sluizen heen varen. De dag daarna zijn we naar Casco Viejo gegaan. Dat is een oud gedeelte van de stad, wat helemaal opgeknapt is. De huizen zijn er erg mooi en het heeft sfeervolle restaurantjes en barretjes. We hebben verder nog het Metropolitano park bezocht, een groen woud dat aan de rand van de stad grenst. Ook wel de longen van Panama stad genoemd. Je hebt er apen, schildpadden, veel vogels én muggen.. s'Avonds hebben we op het dak van ons hotel even een frisse duik genomen (het is regenseizoen hier en heel warm en klam), in het donker is het nog mooier met alle verlichting. In de mega grote (en vooral koele!) Allbrook shoppingmall, met het naastgelegen busstation, hebben we geprobeerd een busticket naar Bocas del Toro te regelen. We hebben verspreid over de dag drie pogingen gedaan, maar steeds was er niemand aanwezig. Er zijn tig ticket offices, overal zit iemand, behalve in die voor de bussen naar Bocas natuurlijk.. We werden van het kastje naar de muur gestuurd, totdat we er helemaal klaar mee waren en we een internetcafe zijn ingedoken en een vlucht naar Bocas hebben geboekt. Zo. Klaar, makkelijk! En het scheelt ook nog eens veertien uur in de bus zitten. Vliegend is het slechts een uurtje.. Tijdens de vlucht naar Bocas del Toro hadden behoorlijk veel turbulentie, omdat het maar een klein vliegtuigje was en het niet zo hoog vloog. Eenmaal geland kregen we onze tassen via een smal en laag luikje, behoorlijk onpraktisch.. Die vent zat op z'n knieën alle koffers en tassen er door te drukken! Daarna hebben we voor twee kwartjes een taxi gepakt naar Hostel Paradise Cabanas. Eerst liepen we een heel eind van het vliegveld vandaan omdat de taxi's daar vaak zo duur zijn, maar we moesten weer terug lopen, omdat alle taxi's van het eiland bij het vliegveld gaan staan als er een vliegtuig aankomt.. Ons huisje op palen in een woonwijk genaamd Saigoncito was erg mooi! Het is van de Nederlandse Jenny, ze heeft er in totaal zes sfeervolle huisjes, in een tuin met héél veel kolibries. Bij het huisje kregen we ook twee fietsen (Nederlandse eigenaar hè), ideaal! We hebben er de daaropvolgende dagen veel gebruik van gemaakt. Naar het hoofdstraatje, naar het strand.. In het zand vloog de ketting van Lotte 's fiets d'r af. Pim mocht 'm er weer op leggen! Soms kun je dingen gewoon beter aan een ander overlaten.. Haha. Bij een leuk strandtentje hebben we daarna even wat gedronken. Op de terugweg vonden we de Duitse bakker, eindelijk eens niet van dat zoete brood! En s' avonds hebben we zelf gekookt in ons huisje. We hebben een dag later nog een tour gedaan naar een ander eiland, Isla Bastimentos. Onderweg met de boot zijn we nog gestopt in Dolphins Bay. Er schijnen daar heel veel dolfijnen te zijn, wij zagen drie vinnen.. Maar ook dat was mooi :) Daarna hebben we gesnorkeld bij een mooi rif, waar veel gekleurde vissen zwommen. Eenmaal op Isla Bastimentos zijn we naar Red Frog Beach gelopen. De naam zegt 't al: daar zijn rode kikkertjes te vinden, maar wij hebben ze niet gezien. Wel zagen we een luiaard, oftewel een Lazy Monkey zoals ze die dieren daar noemen. Na een paar dagen Bocas zijn we per boot en bus naar de grens van Costa Rica gegaan. De regen kwam met bakken uit de lucht. Onderweg kwamen we langs Chiquita bananenplantages en moesten we stoppen omdat de bananentrossen aan een touw de weg over werden geslingerd! Het werd begeleid door een man te paard, die de trossen zo her en der wat recht hing. Via een oude spoorbrug over het water liepen we even later de grens over. Bij zowel de Panamese als de Costa Ricaanse douane verliep het allemaal erg vriendelijk en vlot. En toen waren we dus in Costa Rica! We vervolgden de busrit en stopten in Cahuita. Een klein plaatsje, gelegen naast het gelijknamige nationaal park. Het ligt net als Bocas aan de Caribische kust en heeft een beetje een reggae sfeertje. We kregen regelmatig marihuana aangeboden..mafkezen We hebben een wandeling gemaakt door het nationale park. De route was erg mooi, zowel langs het strand als door het regenwoud. En regenwoud was het zeker, we hebben de volledige 8 km alleen maar regen gehad! Geen miezerig buitje, maar stortbuien! We moesten vrij aan het begin een riviertje over steken, die uitkwam in zee. Als de zee zich terug trok kon je er net over heen springen. Pim wel. Lotte twijfelde.. Cameratas op de rug en geen zin om er in te pleuren, het water was allesbehalve helder en iets minder dan een meter diep (hadden ze ons bij de ingang verteld..) Dus bedachten we dat we er wel een boomstam in konden leggen. Die lagen er genoeg. Zo gezegd, zo gedaan. Lotte sprong er op en toen schoot natuurlijk de boomstam weg.. Maar kon zich nog net vasthouden aan een ander dun takje en stond inmiddels helemaal scheef en tot aan de enkels in het water op die boomstam. Pim lag ondertussen bijna op de grond van het lachen. En Lotte maar schreeuwen.. De broek scheurde ook nog kapot, waardoor Pim nog harder moest lachen! Toen het water zich terugtrok, kon Pim haar hand pakken en naar de kant trekken. Ook weer overleefd haha! We zagen daarna nog toekans (wat lotte dacht dat het een gewone merel was), eekhoorns, minikikkertjes, otter, soort grote rat en felgekleurde vlinders. Na Cahuita was het tijd voor Tortuguero nationaal park. Een jungle, waar alles per boot wordt vervoert, omdat er simpelweg alleen maar waterwegen zijn. We stapten het bootje in op weg er naar toe en niet veel later zagen we een slang, kaaimannen, rivierschildpadden, Howler- en Spider monkeys, spoonbills (roze vogels, familie vd flamingo), parkieten en leguanen. Zo mooi allemaal! We hebben ruim vier uur in het langwerpige houten bootje gezeten voor we in het eilanddorp Tortuguero aankwamen. Er zijn geen verharde wegen, geen auto's e.d. Alleen een hoofdstraatje met wat huisjes, restaurantjes en souvenierwinkeltjes. We zouden die avond een wandeling maken en met wat geluk reuze schildpadden zien. Van maar liefst ruim twee meter groot.. Maar de gids vertelde ons dat er al dagenlang geen schildpadden aan land waren gekomen en dat we die hoogstwaarschijnlijk dan ook niet zouden gaan zien. We konden beter morgenvroeg de kanotocht door de jungle gaan doen als alternatief. Erg jammer, maar met de kano er door heen was ook erg mooi. We zagen weer veel apen en verder vooral mooi gekleurde vogels. Onze gids hoorde tijdens de boottocht van een andere gids dat er die ochtend een schildpad uitgezet zou worden bij het turtle conservation centre. Of we daar heen wilden..? Ja! Dus, teruggevaren na anderhalf uur en op naar de schildpad. Het was er al goed druk, we waren niet de enigen die het wilden zien. De schildpad, van ruim één meter groot, had een zendertje op zijn rug gekregen zodat ze 'm drie maanden zouden kunnen gaan volgen. Onder grote belangstelling werd het dier uitgezet en liep die zo snel als ie kon naar de zee! Prachtig! En wij liepen daarna zo snel als we konden naar ons hostel om de tassen te pakken omdat we al tien minuten te laat waren voor de boot naar het vaste land.. Onze gids probeerde al bellend de 'kapitein' op te houden, zodat we de boot niet zouden missen. Het is gelukt, meteen toen we er in zaten scheurde die weg :) De volgende bestemming was La Fortuna, een stadje vlakbij de Arenal vulkaan. We hadden een erg fijn hostel met zwembad. We hebben een trip geboekt naar de vulkaan. We stopten op mooie uitzichtpunten, bij een waterval en maakten een wandeling door het park onderaan de vulkaan. We zagen weer veel apen, vlinders en twee en drietenige sloths (luiaarden). Die laatste zijn zo leuk, echt slome draken! We eindigden de tour bij een thermale bron, maar voordat we daar waren wist onze gids in een sloot langs de weg de mooie groene gifkikkertjes te vinden, waar Costa Rica zo bekend om is. Het zijn echt prachtige mooi gekleurde kleine beestjes! Bij de thermale bron stroomde het warme water zo hard dat we ons vast moesten zetten tegen de stenen. Het was heerlijk warm en we kregen modder op ons gezicht dat de gids verzameld had bij de waterval. Een moddermaskertje onder de brug, hartstikke donker buiten, in het aangenaam warme water en een drankje in de hand, genieten. Op 5 juli, de dag van de wedstrijd Nederland-Costa Rica, zaten wij Nederlanders nog in La Fortuna (Costa Rica dus..) ! In ons hostel zagen we nog twee anderen in oranje kleuren en ja het waren ook Nederlanders :) Met z'n vieren zijn we de kroeg ingedoken. We waren de enige in het oranje tussen alle Tico's, oftewel Costa Ricanen. We kregen over het algemeen leuke reacties en ze wilden steeds met ons op de foto! Ze juichten continu (om niets), als Nederland maar niet scoorde. Wij hadden de hoop al bijna opgegeven toen het tijd werd voor strafschoppen en de Tico's dachten dat ze gewonnen hadden. Ha haaa! Niet dus! Wij konden ons niet inhouden om met z'n vieren zó hard te juichen, ook al waren we sterk in de minderheid!! De Tico's waren erg verdrietig, maar feliciteerden ons en waren goede verliezers. Op eentje na, die wou buiten ff een potje vechten en we kregen een glas bier naar ons toe gegooid. Toen zijn we maar gegaan. Het werd voor ons vier Hollanders een gezellig en laat avondje! De volgende ochtend vertrokken we al vroeg naar Monteverde. Niet al te fris.. We waren ook nog de was vergeten op te halen gisteren en moesten die vanochtend vroeg alsnog terug zien te krijgen. De wasserette was nog dicht, maar had tralies in plaats van ramen. We vonden een stok en Pim wist onze tas d'r uit te pikken en door de tralies te trekken! Snel terug naar het hostel, tassen gepakt en het busje in. Monteverde is een hoger gelegen plaatsje, omgeven door bergen en nevelwouden. Het is er een stuk koeler en het doet wat Zwitsers aan. Wel even lekker! We zijn naar Frog Pont geweest, waar ze alle kikkertjes van Costa Rica hebben. Ook hebben we er een coffee tour gedaan, waar we uitgebreide uitleg kregen over de koffie, van bes tot het zwarte vloeibare goedje. Vanuit Monteverde hebben we een bus gepakt naar de Pan American Highway. Na zo'n anderhalf uur in de berm zitten met onze tassen, kwam de Tica bus er aan. Die moesten we hebben en zou ons naar Granada in Nicaragua brengen: de oudste koloniale stad van zuidelijk Amerika. We waren blij dat we er in zaten. In de berm zaten namelijk nog wat andere toeristen/backpackers, met rum en cola (om half negen 's ochtends..) al yoga'end langs de kant van de weg te prutsen. Wat een volk. Toen we de grensformaliteiten en de tassen controle gehad hadden (onder een primitief afdak en echt geen douane te noemen) deden we onze tassen weer in de bus en hoorden we dat onze bus NIET in Granada zou stoppen. Fijn. Vraag je het de buschauffeur als je in stapt zegt ie ja, vraag je het in de bus nog een keer, zeggen ze ja. Hoe kan 't? We hebben nota bene een busticket naar Granada haha, het staat op ons ticket! Maar goed, ze zouden een extra stop voor ons en nog een paar anderen maken die ook naar Granada moesten. Daar wisten ze wel een vriendje die ons voor dertig dollar in Nicaragua af kon zetten, twintig minuten verder op. Ja dag, da's zo ongeveer een weekloon daar haha! We zijn uitgestapt, hebben nog geen twee minuten gewacht en we hadden een taxi die ons en nog twee anderen voor tien dollar wou brengen. Granada vonden we echt prachtig! Mooie koloniale, gekleurde kerken en sfeervolle pleintjes en heel anders dan de steden in Panama en Costa Rica. Het is alsof je terug gaat in de tijd. Er gebeurd nog heel veel met paard en wagen en er rijden overal koetsen, als alternatief voor de taxi's. Al zagen de paarden er zo vermagerd uit dat wij niet in zo'n koets wilden stappen.. Ze hebben er echter wel veel mooie en hippe restaurantjes, puur voor het toerisme. Die avond hebben we met Ruben en Dominique (de NL'ers uit La Fortuna die inmiddels ook al in Nicaragua waren) gezellig mega grote bierflessen en bekers pina colada gedronken.. Voor nog geen €4 p.p.! De volgende dag zijn we met z'n vieren met de bus naar Masaya gegaan. Een stad met een hele grote markt met werkelijk van alles en nog wat. Maar na een uur, met oa varkenskoppen en stinkende kazen, hadden we het wel weer gehad. We zijn vervolgens met een taxi naar de gelijknamige vulkaan gegaan. De meest actieve van Nicaragua. We konden tot aan de kraterrand komen, maar door de rook/wolken (wat 't ook was) konden we er niet in kijken. Dat was wel jammer. Deze stonk ook lang niet zo erg als de andere vulkanen die we eerder hadden gezien. Met een busje scheurden we daarna weer terug naar Granada en hebben we daar met z'n vieren wat gegeten. Vanuit Granada zijn we naar Isla Ometepe gegaan. Het betekend twee pieken, vanwege de twee vulkanen die op het grootste zoetwatereiland te vinden zijn. Het ligt in Lago de Nicaragua. We willen hier nu net als in Panama ook een kanaal gaan graven.. Met de Che Guevara ferry kwamen we aan. Eenmaal in het hostel bleken we een van de meest vieze kamers te hebben tijdens onze reis. We hebben nog van kamer gewisseld, maar het werd niet veel beter. Jammer dan.. We hebben een scooter gehuurd en zijn het eiland gaan verkennen. Ook hier lopen weer overal dieren los over straat; varkens, koeien, paarden. We hadden mooi zicht op de vulkanen en hebben een bezoekje aan Ojo de Agua gebracht. Een 'natuurlijke' bron (randen van beton haha) waarin je kon badderen. Het was heel helder en lag mooi in het groen. Er zat een restaurantje bij waar we de wk finale gekeken hebben, echter viel de tv de laatste vijf minuten van de wedstrijd uit.. Toen scoorde Duitsland dus ;) Daarna zijn we verder gegaan naar het strand in San Juan del Sur. Bloedheet daar, maar met een verfrissende zee. Lekker even. We hadden een leuk hostel boven op een erg, vanwaar we een mooi uitzicht hadden op het stadje en het Christusbeeld bovenop een andere berg. Vanuit hier hebben we weer de Ticabus gepakt naar Costa Rica. Inclusief weer twee uur 'bermzitten'. In Costa Rica kregen we slechts een stempel in ons paspoort voor acht dagen, omdat we enkel een uitgaand ticket uit Panama konden tonen, niet uit Costa Rica. Anderen hadden allemaal dure bustickets gekocht om Costa Rica uit te gaan, puur om de grens over te komen.. Maar onze goedkopere manier werkte dus ook. Al ging het niet van harte. Ze vroeg ons hoe lang we in Costa Rica wilden blijven. We zeiden negen dagen, toen zette ze bij de stempel een 8. Zeikerd, toen we om één dag extra vroegen kregen we die niet haha! Dan maar iets eerder naar Panama. Na een lange busrit kwamen we aan in San Jose, de hoofdstad van Costa Rica. Daar aangekomen lazen we over de vreselijke rampvlucht..bah Een beetje ontdaan hebben we daarna ergens wat gegeten en hebben we vroeg ons bed opgezocht. In San Jose hebben we wat rondgelopen en het nationaal theater bezocht. Een prachtig oud gebouw, ooit gebouwd door de koffieboeren. Aangezien die het meeste geld hadden. Op wat kerkjes na heeft de stad verder niet veel moois. Dus zijn we niet lang gebleven. We hebben de reis vervolgd naar Manuel Antonio, waar je zowel mooie stranden als jungle hebt. Het nationale park was ontzettend toeristisch, zo veel mensen, dat we tegen elkaar zeiden hier gaan we geen enkel dier zien.. Maar niets was minder waar! Luiaarden, heel veel leguanen, kapucijnaapjes en squirrelmonkey's. Ook zagen we nog een jattende ... (We zijn de naam even kwijt, maar het zag er uit als een wasbeer). Tussendoor hebben we fijn gezwommen en aan het strand gelegen. De dag daarna hebben we een boottocht gedaan met een catamaran. Op zoek naar dolfijnen en walvissen! De grote boot had plek voor tachtig man. Wij waren slechts met z'n twaalven.. Laagseizoen :) De drankjes en het eten waren inbegrepen en het was echt genieten! De boot had ook nog een glijbaan, geweldig! Verder hebben we gesnorkeld en zagen we veel dolfijnen zwemmen, prachtig om te zien. De walvissen hebben we helaas niet gezien. Maar het was weer een topdag! Vanuit Manuel Antonio hebben we een bus naar David, Panama, genomen. We moesten weer lang wachten. Bij ons zaten twee Amerikaanse dames, die in Costa Rica woonden. We een geklets met die twee, geweldig! Bij de grens begon de oudste en de meest onverschillige over een uzi, waardoor de andere helemaal gek werd. Haha en wij maar lachen, maar we dachten we gaan niet te dicht bij jullie in de rij staan. Wat een stel. Eenmaal in David hebben we voor een nachtje een hotel gepakt en zijn daarna naar Boquete gegaan. We hadden twee Canadezen ontmoet in het hotel in David die een auto gingen huren en naar Boquete gingen. We mochten met ze meerijden, fijn! Zij wonen momenteel in Qatar en willen met hun pensioen in Boquete gaan wonen. Het is er wat koeler en doet net als in Monteverde weer wat Zwitsers aan. Ze zetten ons af bij ons hotel en we hebben ze daarna nog een paar keer ontmoet. Erg aardige mensen. In Boquete hebben we met een valley tour wat van de omgeving gezien. We hadden geen trek in een wandeling, vanwege wat er allemaal gebeurd is met de twee Nederlandse meiden. Het voelde voor ons een beetje als ramptoerisme als we dat zouden doen. Het was er erg mooi en groen, met veel watervallen, koffieplantages en bergen. Met een gele schoolbus zijn we na een paar dagen weer richting David gegaan, om daar de bus naar Panama stad te pakken. Elf uur later kwamen we daar aan. Hongerig en moe, dus in de bus terminal maar even bij de mac wat gegeten en daarna snel met een taxi naar het hostel. Daar hebben we de volgende dag de tour naar San Blas geregeld. Ook hebben we een ander hotel geboekt voor morgen, want het hostel waar we waren was echt weer het toppunt van een backpackershol. Daar hebben we het wel een beetje mee gehad.. Behoorlijk typisch volk.. Toen we 's avonds even buiten zaten kwam er een man van tegen de zestig bij ons staan. Hij had een veel te strak gilet-achtig ding aan, een keppeltje op, hij zette een muziekje op en begon enthousiast te dansen en ondertussen sprayde hij zichzelf in met afwasmiddel.. Tjah. Toen besloten we om de dag er na ergens anders heen te gaan. Na één nachtje een gewoon hotel met zwembad op het dak voor dezelfde prijs als het hostel én met normale mensen, zijn we dus naar San Blas gegaan. Dat dat geweldig mooi was hadden we al gezegd :) In onze zwembroek en bikini, op het dak van het hotel, sluiten wij af en zeggen wij: tot heel snel allemaal! Zaterdagavond landen we om half 7 in Dusseldorf. We hebben een geweldige reis gehad en gaan het missen, maar kijken er met heel veel genoegen op terug en hebben heel veel zin om iedereen weer te zien!!! Bedankt voor het volgen en al jullie leuke reacties (die dan wel niet meer op de site staan, maar we wel onthouden hebben)!! Dikke kus van ons, tot zaterdag (of snel daarna!!) Pim & Lotte

Buenos dias amigos

Het is alweer zo'n acht weken geleden dat we voor het laatst een verhaal online hebben gezet. En in twee maanden kun je veel zien en (te)veel foto's maken! Dat was dus nog een heel uitzoekwerk (en reden van uitstel), om er slechts een paar op de site te zetten. Het verhaal is ook weer erg lang, maar we hopen dat jullie het leuk genoeg vinden om helemaal te lezen! Inmiddels zijn we in Panama Stad. Hier zijn we vrijdag aangekomen. Tijdens ons laatste verhaal waren we in Chili, we zijn toen doorgegaan naar Bolivia en Peru en zijn daarna ook nog vier dagen in Miami geweest. Op 9 mei hebben we per bus miljoenenstad Santiago de Chile verlaten. Maar liefst 40% van de Chileense bevolking woont in of bij deze stad.. Het is echt heel groot en volgebouwd, maar het is er wel overzichtelijk en leuk om rond te lopen. We wilden vanuit de hoofdstad graag naar San Pedro de Atacama. Een stadje in het noorden van Chili, gelegen in de droogste woestijn ter wereld: de Atacama woestijn. Op sommige plaatsen in de woestijn heeft het al eeuwen niet geregend. Er valt in 750 jaar evenveel neerslag als in Nederland in één jaar.. Dus voor wie niet van regen houdt, daar moet je zijn. Maar, rechtstreeks naar die stad is het maar liefst 24 uur met de bus, dus hebben we de reis onderbroken in La Serena. Dat was maar acht uur reizen. Het is een mooie stad met veel koloniale gebouwen, voornamelijk kerken, 29 om precies te zijn.. De avond er na hebben we de reis per nachtbus vervolgd naar San Pedro de Atacama. Na zestien uur waren we er, na toch nog redelijk geslapen te hebben. De bussen in Chili zijn prima. Je kunt de stoelen redelijk ver naar achteren zetten, krijgt een paar keer wat te eten en te drinken, je kan zien hoe hard de chauffeur rijdt (en als ie te hard gaat, gaat er een alarm af..), we kregen dekens, kussens en er werden films gedraaid. Luxer dan een vliegtuig en luxer dan de meeste hostels! San Pedro de Atacama vonden we prachtig. Behoorlijk toeristisch, maar er is zoveel moois te zien. Het heeft leuke straatjes, een mooi wit kerkje, gebouwd door Spaanse kolonisten in 1577 en blikkert mooi in het felle zonlicht. Er hangt een gezellige sfeer in het stadje. We hebben er verschillende tours geboekt naar de Atacama woestijn. De eerste was naar Valle de la Luna: een mooi berglandschap dat op een maanlandschap lijkt. Er groeit helemaal niks, strakblauwe luchten en we zagen een heel mooie zonsondergang tussen de verschillende vulkanen verderop. De volgende dag hebben we een tour naar Laguna Cejar gedaan, een natuurlijk meer met een zoutpercentage van 40%, waardoor je blijft drijven als je er in zwemt. Het ligt in de salar de Atacama (zoutvlakte). Het is net de dode zee, al zijn we daar nooit geweest! Het meer ligt ook weer in een prachtig landschap. Het was buiten aangenaam warm met het zonnetje en het water heeft een aantrekkelijke diepblauwe kleur. Kortom, als je het meer ziet denk je jaaaaa daar wil ik in zwemmen! Totdat je er met één voet in staat.. IJSKOUD!! Maar we zijn er ingesprongen en hebben voor de foto net gedaan alsof het heel aangenaam is :) en je blijft inderdaad drijven! Je krijgt je voeten moeilijk omlaag omdat het zoute water je omhoog lijkt te drukken. En als je op je zij ligt, rol je gewoon om, bijzonder! Toen we er uit stapten en een beetje opdroogden in de zon, sloegen we helemaal wit uit van het zout. Gelukkig hadden ze douches geplaatst iets verderop. Dan denk je ah lekker, even af douchen, spring je d'r onder, blijkt dat water minstens zo koud als het meer... Na dit zoute / koude avontuur zijn we naar de het volgende zoutmeer gegaan. Deze is bijna droog; er ligt een minimaal laagje water op, waardoor het lijkt alsof je op water loopt. Die avond hadden we vanaf dat punt, met een pisco sour (hét lokale drankje) in de hand, weer een geweldig uitzicht op de zonsondergang tussen de vulkanen in het gebied. Weer een dag later, tour drie, naar Salar de Tara. Die begon om zes uur in de ochtend. Dus vroeg uit de veren en goed warm aangekleed, want 's nachts lijkt het wel te vriezen (terwijl je overdag in een hemd kan lopen). We reden via een prachtige weg langs de vulkanen, die we de avonden daarvoor steeds bij zonsondergang hadden gezien, naar Los Flamingos National Parc. Na zo'n anderhalf uur rijden, stopten we tijdens de zonsopgang voor een ontbijtje. Buiten, in de kou maar zo mooi! We hadden al ontzettend veel moois gezien, maar hier leek alles nog weer net ietsje mooier..! Geweldige landschappen, met meren, rotsen, bergen, vulkanen, vicuna's (lokale lama's) en flamingo's. Vanuit San Pedro de Atacama hebben we na alle tours, onze reis vervolgd naar Bolivia. We hebben een driedaagse jeeptour gedaan naar de Salar de Uyuni in Bolivia, een ontzettend indrukwekkend grote witte zoutvlakte. Allereerst moesten we de grens over van Chili naar Bolivia, in the middle of nowhere. Een klein kantoortje met een mannetje die de stempels in je paspoort zet, verder is er niks, behalve een hoop jeeps met toeristen die aan de tour beginnen of 'm eindigen omdat ze 'm in omgekeerde volgorde hebben gedaan. De grens oversteken ging heel vlot, ook omdat ze niks controleren behalve het paspoort. Dus we konden snel op weg. Bij ons in de jeep zaten nog twee Fransen en twee Belgen, echt een leuke gezellige groep! Salar de Uyuni is de op één na grootste zoutvlakte ter wereld. Het is een opgedroogd meer en het zou zo'n 10 miljard ton zout bevatten. En da's heel wat, je ziet een eindeloze witte vlakte, zover je kunt kijken. Het is echt immens groot. Én hoog! Het ligt op 3850 meter in de Andes, het hoogland van Bolivia. We waren al een klein beetje gewend geraakt aan de hoogte, maar op dag twee van de jeeptour kreeg Lotte er toch wel last van. Veel hoofdpijn, niet te stoppen met pijnstillers.. En totaal geen energie. Die nacht sliepen we met de hele groep op één kamer, op 4600 meter hoogte. 's Nachts hoorde je iedereen heel zwaar ademen door die hoogte, maar ook door de kou. Het was er 's ochtends toen we wakker werden (binnen, op die kamer dus) slechts één graad. Gelukkig kon je er een slaapzak huren.. Tijdens de tour hebben we zoveel gezien, semi actieve vulkanen, laguna colorada met drie soorten flamingo's, het sal hotel volledig opgebouwd uit zout (waar we 'n nachtje sliepen), geisers, stinky lake, dakar monument, trein kerkhof, Isla Pescado (een eiland op de zoutvlakte bomvol cactussen). Echt een geweldige tour! Toen het er op zat zijn we afgezet in het dorpje Uyuni. We hadden het plan daar een nacht te blijven, maar toen we een busticket wilden regelen naar Sucre, een stad tien uur verderop, bleek dat die nachtbus maar eens in de paar dagen zou gaan. Dus, we hebben wat gegeten en zijn diezelfde avond nog de bus ingestapt, samen met de mensen die we tijdens de tour hadden ontmoet. De rit viel ons erg mee. We hadden gelezen/gehoord dat de bussen en wegen in Bolivia niet best zouden zijn, maar het was best wel ok. Het was een gewone bus, waarvan de stoelen niet ver naar achter konden dus veel slaap hebben we niet gehad, maar de weg was niet zo hobbelig en de chauffeur reed rustig door de bergen. Uiteraard was het wel weer ijskoud, gelukkig hadden we thermo kleding aan.. Om half zes 's ochtends kwamen we aan in Sucre, een hele mooie stad, al zagen we dat toen nauwelijks want het was nog donker. Taxi gepakt en hop naar het hostel. Gelukkig konden we meteen op de kamer, douchen en slapen. Na een paar uurtjes werden we wakker van het zonnetje. Sucre ligt niet zo hoog en dat scheelt aanzienlijk in de temperatuur. Buiten was het aangenaam warm en hebben we de stad verkend. Er is een leuke, grote, lokale markt met echt van alles te koop, veel koloniale gebouwen, een prachtig plein genaamd Plaza de Armas (een plein die in zo ongeveer alle steden in Latijns Amerika te vinden is), een mooi uitzichtpunt en leuke (goedkope!) restaurantjes. Kortom, een prima plek om een paar dagen te verblijven. Dat hebben we dan ook gedaan. Even geen tourtjes meer. Na een paar dagen zijn we weer een bus ingestapt, naar Potosi. Een mooi ritje en slechts vier uur. Doordat we overdag gingen konden we veel meer van het landschap zien. We reden door de bergen, via kleine dorpjes, zagen vulkanen, politie controle posten en veel oude menskes die met hun schapen en lama's op het platteland lopen. Ooit was Potosí één van de rijkste en grootste steden ter wereld, het centrum van de zilverwinning. Nu is het nog slechts de hoogste stad ter wereld, arm, en een plaats waar je stukken berg kunt opblazen voor de lol. Tijdens mijntours! Dat opblazen hebben wij maar niet gedaan, omdat het voor het plezier van de toeristen gedaan wordt en niet bepaald goed is voor de omgeving. We hebben wel een tour geboekt naar de mijnen, in de cerro rico (rijke berg) en dat was eigenlijk alles behalve leuk..! Het was heel indrukwekkend en claustrofobisch. Er werken nog duizenden Bolivianen in de mijnen. Uitgerust in mijnwerkerskleding, helm, laarzen en hoofdlamp, zijn we met onze gids naar een mijnwerkerswinkel gegaan om 'cadeaus' voor de mijnwerkers te kopen. Dat om ze tegemoet te komen want als toerist loop je ze eigenlijk in de weg. Nou, die cadeaus waren: pure alcohol van 96%, dynamiet staven (hun werkattributen) en coca bladeren (een soort pepmiddel, waarvan ze harder gaan werken en hun honger stillen zodat ze niet in de stoffige mijn gaan eten en zodoende nog meer stof zouden binnen krijgen). Die cocabladeren eten ze werkelijk alsof 't chips is. Uit een zakje, en ze proppen de hele mond vol. Ze bewaren het in hun wangen, het zijn net hamsters. Het helpt ook tegen hoogteziekte schijnt, al konden wij het niet echt merken toen we het aten /dronken (cocathee). Vervolgens stapten we met zes dynamietstaven en nog een paar andere toeristen het busje weer in om dan echt naar de mijn te gaan. Op een hoogte van 4600 m stapten we uit en via een minuscuul gat gingen we de mijn in.. Om vervolgens klimmend en kruipend de mijn door te gaan. Bizar en best wel angstig af en toe. Het was heel warm binnen en we kwamen geregeld mijnwerkers tegen die karretjes over de rails trokken met daarin de gedolven mineralen, het zilver, tin, lood, etc. In de berg hebben ze een god, genaamd Tito, die als beschermheer dient voor de mijnwerkers. Om hem te eren geven ze hem drank, sigaretten en slingers. Vrouwen mogen niet in de mijn werken want dat zou ongeluk brengen. Voor zover ze niet al ongeluk hebben.. De mannen die er werken zijn vaak minderjarig, verdienen €50 per maand, volgen hun (verongelukte) vader op en worden gemiddeld niet ouder dan 50 vanwege kanker (asbest in de mijn) en stoflongen. Toen wij er na twee uur uit waren en onze 'cadeaus' hadden afgegeven aan de mijnwerkers, waren we zo blij dat we er weer uit waren. Je zou er maar werken. Dan moet je toch best wel heel erg blij zijn met je baan in Nederland. Het voelt daarnaast ook behoorlijk onveilig, een mijn op zich al (in Turkije zijn laatst nog 300 mensen omgekomen), maar dan ook nog met mijnwerkers die pure alcohol drinken op een lege maag en met dynamiet werken. Het eerste uur waren we er gewoon stil van.. Na dit avontuur hebben we meteen een douche genomen, omdat we zo stoffig waren. Moet je nagaan als je er dag in dag uit werkt.. Wat een werk. We hebben daarna het stadje Potosi verder verkent. We zijn een kerkje in geweest met een mooi uitzicht op de stad en de cerro rico berg en hebben het casa nacional de moneda bezocht. Dat laatste was wel heel interessant. Het is een geldmuseum in een prachtig oud en origineel gebouw. Hier werden de eerste zilveren munten voor de Spaanse Kroon geslagen door slaven, wereldwijd het eerste geld, zoals men er zegt. Het zilver is afkomstig uit de cerro rico. De munten hadden de letter P en stonden bekend als Potosís. Een bekende uitspraak in de Spaanse taal, die na aanleiding hiervan is ontstaan, is: Vale un Potosí ofwel ´dat is veel geld waard´. Vanuit Potosi zijn we met de nachtbus verder gegaan naar La Paz, de hoofdstad van Bolivia. Na zestien uur waren we er eindelijk. Wat een grote stad, met enorme voorsteden. Overal mensen op straat en in de vroege uurtjes al een drukte van jewelste. We pakten een taxi naar ons hostel, maar dat duurde ook nog eens een uur want die beste man had werkelijk geen idee waar het hostel gelegen was.. We hebben zo ongeveer een sightseeing tour door La Paz gedaan met hem. De stijle straatjes kwamen we ook al niet op, alleen zigzaggend en toen de auto bijna achteruit ging rollen, sloeg hij maar snel linksaf.. Na uiteindelijk drie keer vragen en twee plattegronden erbij, kwamen we bij het hostel aan. De kosten: 10 bolivianos, da's €1. Kan je toch niks van zeggen ;) We vonden La Paz niet echt een mooie stad. Er zijn mooie gebouwen en pleinen, maar eromheen hebben ze lelijke hoogbouw geplaatst. Er lijken grote verschillen tussen arm en rijk te zijn. Grote, dure auto's, maar ook bedelende mensen op straat. De wegen zijn druk en vol, vooral met minibusjes en taxi's, die kris kras door het verkeer heen rijden. Het is wel een hele levendige stad, met veel festivals en parades en op de pleinen is altijd wel iets te zien. Er zijn veel marktjes en straatverkopers. Ze verkopen werkelijk van alles. Op de zogenaamde heksenmarkt waren zelfs lama foetussen te koop. Die zouden geluk brengen als je een nieuw huis gaat bewonen.. Doordat er zoveel te zien is gingen we de stad elke dag wel ietsje mooier vinden. Én ze hebben een Hollands café met lekkere (!) bitterballen met mosterd en hutspot met een gehaktbal. Een groot pluspunt natuurlijk..! Na de bitterballen zijn we naar Plaza San Francisco gelopen. Onderweg zagen we een mooi koloniaal hotel, La Casona, en we dachten hier kunnen we wel even koffie drinken. Bij binnenkomst werden we begroet met een niet echt Spaans klinkend 'Ola'! Kopje koffie besteld en we kwamen aan de klets met de vriendelijke man. Na tien minuten Engels gesproken te hebben vroeg hij waar we vandaag kwamen: Nederland, hij ook, dus over op het Nederlands. Hij werkte tijdelijk in het hotel als expert via een Nederlandse organisatie om de kwaliteit in hotels in 'ontwikkelingslanden' omhoog te helpen. Een soort Herman de Blijker. We hebben wel een uur gezellig gekletst. Toen hij hoorde dat we al zeven maanden voor maximaal zo'n €10 p.p. overnachten, stond hij op en zei ik ga iets voor jullie regelen.. Na een paar minuten kwam hij terug met de mededeling dat we de dag er op GRATIS in het hotel mochten overnachten! Nou, wij vonden het zo leuk!! Het is er zo mooi, een van de meest luxe hotels in La Paz.. Geweldig! We kregen ook nog eens de wedding suite haha, top! Eindelijk echt een goede warme douche in Bolivia (en niet zo'n akelige elektrische douchekop, waarvan je een stroomschok krijgt, de doucheknop verder ook nog met plastic is afgeplakt om daar niet ook nog een stroomschok van te krijgen, én waarvan het water alsnog niet warm wordt maar ijskoud blijft.. Behalve dan als je de straal zo zacht zet dat je nog net tien tien druppels kunt opvangen die wel redelijk warm zijn..), een fijn queensize bed en een uitgebreid ontbijt met geroosterd bruin brood en kaas. HEERLIJK!! Wat een luxe. Na de lekkere bitterballen en een heerlijk hotel waren we weer helemaal te pas in La Paz :) Na een paar dagen hebben we de bus gepakt naar Copacabana. Die van dat liedje, al gaat dat over een andere Copacabana in Brazilië. In Bolivia ligt het aan het Titicacameer, heel dicht bij Peru. Het is het hoogst bevaarbare meer ter wereld. We hebben een bootje gepakt naar Isla del Sol, een eiland in het Titicacameer. We hebben er een paar uur gewandeld en hadden een heel mooi uitzicht op het meer. Volgens de Inca's is Isla del Sol de geboorteplaats van de eerste zonnekoning. Nu zijn er nog ruïnes van tempels te vinden die dienden ter verering van de zonnegod. Er is niet veel meer van over, maar onze gids kon ons nog wel zegenen met heilig water uit die tempel.. Mooi meegenomen! Vanuit Copacabana zijn we naar Puno gegaan, ook weer een plaats aan het Titicacameer, maar dan in Peru. Het duurde even voordat we de bus in konden, want de buschauffeur kreeg de deur van de bus niet open. Met drie man en een stok lukte het uiteindelijk.. Al na twintig minuten waren we bij de grens. We zijn er lopend overgegaan en hebben bij de kleine grenskantoortjes met (volgens Pim) verschrikkelijke pedante douanemannetjes de benodigde stempels gekregen. Gelukkig, want we hadden bij binnenkomst in Bolivia geen toeristenkaart gekregen en in de hostels waar we waren zeiden ze dat dit wel erg ongebruikelijk was. Maar we kregen er ter plekke een om in te vullen en mochten 'm direct weer inleveren en klaar. Een Amerikaanse had er ook geen en die moest betalen.. Verschil moet er zijn hè. Peru! Qua landschap lijkt het erg op Bolivia, maar toen we eenmaal in Puno waren, merkten we dat het hier wat georganiseerder en ontwikkelder is. We hadden er een heerlijk hotelletje in het stadje en hebben een tourtje geboekt naar de rieteilanden van Uros, ook weer in het Titicacameer. Het zijn kleine eilandjes waar de Uros indianen op wonen. De eilanden zijn uniek omdat de ondergrond volledig bestaat uit totara-riet, dat langzaam weg rot. Daarom wordt er steeds een nieuwe laag riet bovenop gelegd. De huizen die er op staan, de matrassen waar ze op liggen, uitkijktorens en het schooltje, zo'n beetje alles is van riet gemaakt. Ze eten het riet zelfs. De witte onderkant is voor hen als tandpasta; het zou goed zijn voor je tanden. Met een mooie boot, ook gemaakt van riet natuurlijk, hebben we over het meer gevaren en zijn we weer teruggegaan naar Puno. Na weer een nacht in de bus zijn we vervolgens aangekomen in Arequipa. Een leuke stad, met mooie gebouwen en een relaxte sfeer. We zijn vanuit daar naar de Colca Canon en vallei gegaan. Vanuit Arequipa was het een klimmende rit omhoog de bergen in naar het plaatsje Chivay. Onderweg hadden we mooie uitzichten op de top van onder andere de Misti vulkaan, gelegen in het nationale park Pampa Cañahuas, met veel lama's, alpaca's en vicuñas. De Colca vallei is dieper dan de Grand Canyon in Amerika. De stijle rotswanden zijn door een beschaving die nog 1000 jaar ouder is dan de Inca's, omgevormd tot voor landbouw geschikte terrassen. Het lijkt wel een beetje op de rijstterrassen in Azië. Uiteindelijk kwamen we via kleine dorpjes met marktjes, witte kerkjes en vrouwen met hun lama 's die voor geld met je op de foto willen, aan bij Cruz del Condor. Een diepe kloof met veel condors. Heel indrukwekkend. Ze hebben een spanwijdte tot wel drie meter en zweven op de warme opstijgende lucht in de canon voor je langs en over je heen. Toen was het tijd voor Machu Picchu! Het tweede wereldwonder tijdens onze reis (de andere was de Chinese muur). Vanuit Arequipa zijn we weer met een nachtbus naar Cuzco gegaan: de toegangspoort van Machu Picchu. Cuzco is erg mooi, met een prachtig Plaza de Armas, vol met imposante kerken. Er zijn ontzettend veel winkeltjes, restaurantjes en museums. Volgens de Inca's was Cuzco de navel van de wereld en het middelpunt van de aarde. De meeste van de Inca ruïnes in Cuzco zijn door de Spanjaarden afgebroken, maar bij het bouwen van hun kerken hebben ze gebruik gemaakt van de grote Inca stenen. Ze hebben hun Spaanse kerken min of meer op de stevige (aardbeving bestendige) fundering van de Inca gebouwen gebouwd. Dit geeft de stad een koloniale uitstraling met invloeden uit de Inca-cultuur. Via Ollantaytambo, een klein eeuwenoud en sfeervol stadje in de heilige vallei, zijn we met de trein naar Aguas Calientes gegaan. Dit is het toeristenstadje onderaan de berg waarop Machu Picchu ligt. De treinreis duurde anderhalf uur en was erg mooi, door beboste bergen en kleine dorpjes. Er is geen weg naar Aguas Calientes, de enige mogelijkheid om er te komen is per trein (en dat buiten ze uit, €80 per persoon voor een retourtje..) Iedereen die naar Machu Picchu gaat komt uit in Aguas Calientes, het is er dus superdruk. De volgende ochtend om half zes toen we met de bus de berg op wilden om het wereldwonder dan eindelijk te gaan bezoeken, stond er al een honderden meters lange rij voor de bus te wachten. Pfff wat een volk. Maar er rijden genoeg bussen de berg op, dus we hoefden niet lang te wachten. Eenmaal boven was het wel echt prachtig. Bijzonder om het in het echt te zien. Zo vroeg in de ochtend, wat mistig, lama's die tussen de inca ruïnes lopen.. We hadden van te voren tickets geregeld voor Huayna Picchu, dat is de grote berg achter de inca ruïnes die je altijd op plaatsjes van Machu Picchu ziet. Die stijle... Nou, dat was een beste klim van anderhalf uur, op die hoogte is het al zwaarder, maar het uitzicht op de Machu Picchu stad was geweldig! Eenmaal weer beneden hebben we er nog een paar uur doorheen gewandeld en zijn we later weer terug gegaan naar Aguas Calientes. Die avond hebben we de trein weer gepakt naar Ollantaytambo, want dat was toch wel een veel sfeervoller stadje. Vanuit Ollantaytambo zijn we met een taxi teruggereden naar Cuzco. Een mooie rit door de bergen van zo'n anderhalf uur. Het was maar heel iets duurder dan reizen met een mini busje. Dan denk je dat per taxi misschien ook nog wel iets veiliger is. Nou, normaal gesproken misschien wel, maar onze jonge taxi chauffeur viel steeds bijna in slaap.. We moesten hem een paar keer wakker tikken toen hij zat te knikkebollen. Totdat Lotte een keer echt kwaad werd en op haar beste Spaans hem even duidelijk uitlegde dat hij nu toch echt wakker moest blijven! Toen had hij genoeg adrenaline om zijn ogen open te houden en bereikten we in levende lijve Cuzco. Via Cuzco zijn we uiteindelijk weer teruggegaan naar La Paz in Bolivia. Daar zijn we nog een paar dagen gebleven en hebben we de geweldige overwinning van het Nederlands Elftal op Spanje gekeken én goed gevierd in het Nederlandse café. Yes yes yes!!! Uiteraard weer met bitterballen en een oranjebittertje. Dat waren in het kort zes weken Zuid-Amerika. Echt prachtig en weer een reis op zich. Toen we onze tassen pakten en nauwelijks dicht kregen vanwege alle gekochte souvenirs in Bolivia en Peru, dachten we nou dat wordt alles uitpakken op onze volgende bestemming: Miami! Maar we konden overal zo doorlopen, langs de goedlachse douane medewerkers die onze reis helemaal geweldig vonden! Erg leuk, vooral na die norse douane en strenge controles in Bolivia. In Miami waren we slechts een paar dagen maar het was heerlijk om weer even in de luxere wereld te zijn. En in de warmte, 30 graden! Nadat we onze bescheiden economy huurauto hadden afgehaald, ook een enorme luxe na heel wat kilometertjes met de (nacht)bus, zijn we naar ons motel in Fort Lauderdale gereden. We hebben lekker ons eigen potje gekookt, want we hadden een keukentje. De volgende dag hadden we helaas regen, maar de warmte was er niet minder om. We hebben ons vermaakt in de shoppingmall Sawgrass Mill. En dat is niet kinderachtig, die is groot genoeg om je helemaal arm te kopen. Maar we hebben ons netjes ingehouden. Afgelopen donderdag, de zon scheen inmiddels weer volop, zijn we via 42 bruggen de Florida Keys over gereden en hebben we genoten van zon en strand en de mooie uitzichten op zee. In Key West hield het op en zijn we weer omgekeerd. Het is het meest Zuidelijke punt van Amerika, op slechts 90 mile afstand van Cuba (hoeveel het in km is weten we niet haha). Vrijdag hebben we de auto weer ingeleverd en zijn we dus naar Panama gevlogen. Daarover de volgende keer meer. En dat zal geen acht weken duren, want dan zijn we alweer twee weken thuis.. Wat gaat de tijd toch snel! Bedankt voor het lezen en jullie leuke reacties. Groetjes van ons!!

Iorana!

Iorana! Oftewel 'welkom' (in het Rapa Nui).

We zeiden in ons vorige verhaal al dat we niet weer zes weken zouden wachten met het plaatsen van een nieuw verhaal, dus bij deze..!

Zondag 20 april hebben we Nieuw-Zeeland verlaten, om vervolgens op zaterdagavond de 19e (!) na zes uurtjes vliegen aan te komen in Papeete, de hoofdstad van Tahiti, een eiland in Frans Polynesië. We moesten de klok maar liefst 22 uur terugzetten, omdat we de datumlijn waren gepasseerd. Raar idee!

Toen we laat in de avond het vliegtuig uitstapten kwam de warmte ons al tegemoet, heerlijk. Toch weer een heel stuk warmer dan Nieuw-Zeeland. Op het vliegveld werden we ontvangen door twee gitaarspelende Tahitiaanse mannetjes en een danseres, allemaal in bloemetjes outfit :) We konden zo de douane doorlopen, zonder stempel in ons paspoort te krijgen, omdat het een land van Frankrijk is. Dat ging dus lekker vlot. De Franse eigenaar van het hostel waar we twee nachten zouden blijven zou ons ophalen van het vliegveld. Hij was een uur te laat, omdat hij eerst twee verkeerde mensen van het vliegveld had afgehaald in plaats van ons, namelijk twee Pakistaners, haha gek, hij vond het helemaal geweldig! Hij had Lotte geroepen en de twee Pakistaners hadden geschreeuwd ja ja! Dus hij had ze maar meegenomen en onderweg was hij er achter gekomen dat het niet klopte..
Dus, een uur later reden we dan naar het hostel. Onderweg nog even bij een benzinepomp een baguette met la vache qui rie gekocht (Frankrijk he!) en die lekker rond middernacht bij ons huisje opgegeten. We deelden het huisje met een gezin uit Moorea, die al lagen te slapen.

De volgende dag, met weer een stokbrood en Franse kaas als ontbijt, zijn we naar het strand gelopen. Heel mooi! En warm! Het was er super druk omdat het zondag eerste paasdag was, het hele eiland was naar het strand gekomen.

Maandag hebben we de boot naar Moorea gepakt. We moesten nog haasten, want er gingen die dag (2e paasdag..) maar een paar boten. De jolige Fransman zou ons brengen, maar hij was nogal lang van stof en kon echt uren met je praten. Wel heel gezellig! Hij vertelde dat hij tijdens zijn dienstplicht naar Tahiti was uitgezonden en er nooit meer weg was gegaan. Hij woont er nu met zijn vrouw en drie kinderen, runt een hostel en wil nooit meer terug naar Frankrijk, behalve om zijn familie eens in de paar jaar te bezoeken. Toen volgde de hele geschiedenis van Frans Polynesië, vervolgens een half uur durende film over surfwedstrijden die jaarlijks op het eiland worden gehouden en ten slotte een heleboel foto's van hem en zijn gezin tijdens een vakantie op een van de andere eilanden daar in de buurt.. En toen kwamen we er achter dat de boot over 25 minuten zou gaan. Dus, hoppa, snel de tassen gepakt, auto in en naar de boot gescheurd. Bleek daar dat ie een half uur later ging haha, gered dus.

De boottocht naar Moorea was echt prachtig. Het water is zo ontzettend helder en mooi van kleur en we zagen onderweg ook nog dolfijnen.. Ook de boot was prachtig!! Naar Europese maatstaven natuurlijk en geen misselijke taferelen zoals in Thailand. Het was ook maar drie kwartier varen. We wilden graag naar Moorea omdat de stranden daar nog veel mooier zijn dan op Tahiti. Nou, dat zagen we in de auto onderweg naar ons huisje al. Niet normaal hoe helder het water daar is. Zo mooi! Onderweg hebben we eerst weer wat boodschappen gedaan, omdat er niks in de buurt van ons huisje zat. Een week lang niks doen aan zee.. Alleen maar in de zon liggen, lezen, zwemmen en kajakken (die konden we gratis gebruiken).

Ons huisje was prachtig! Met een mooi rieten dak, een balkonnetje en slechts vijftien meter van zee, waar kajakken geweldig was op dat heldere water. Maar hele dagen niks doen, is niet echt aan ons besteed.. Dus hebben we voor twee dagen een scooter gehuurd. Een mooie manier om het eiland te verkennen. We zijn 'm helemaal rondgereden (dat is slechts 60 km) en onderweg gestopt op prachtige plekken. Op een punt kon je super mooi op het Sofitel kijken; een luxe resort met huisjes met rieten daken op het water.. Waar je €800 betaald voor één nacht. Dat was ons net iets te duur. Maar wij hebben er op een afstandje ook van genoten en iets verderop gebruik gemaakt van dezelfde zee ;) prachtig!
Toen door, naar meer luxe, namelijk het Hilton. We zijn de receptie doorgelopen en het restaurant ingelopen alsof we er zelf een huisje hadden (hetzelfde soort als Sofitel) hebben wat drinken en eten besteld en heerlijk aan het water gezeten, met uitzicht op de waterbungalows. Super! Toen we wilden betalen vroegen ze ons kamernummer. We dachten we kunnen er best zomaar een opnoemen, maar dat hebben we maar niet gedaan haha. We zeiden dat we er geen kamer hadden en we nu wilden betalen. Na een 'oh, no room?' betaalden we en zijn we ons scootertje weer opgesprongen. Heerlijk zo'n dagje!

De volgende dag hebben we weer een rondje gemaakt met de scooter. We zijn naar een mooi uitzichtpunt gereden en naar mooie strandjes. Ook hebben we maar weer wat boodschappen gedaan voor de komende paar dagen, zodat we genoeg hadden om de week door te komen. Haha nou je had ons moeten zien met al die tassen op het scootertje en een stokbrood tussen ons in! Twee ronde helmpjes op de kop, een prachtig strandje op de achtergrond.. We konden zo in een brochure :) idyllisch plaatje hahaha!

Toen moesten we ons scootertje helaas weer inleveren. Dus mochten we weer aan het strand liggen, zwemmen, kajakken, lezen.. De eigenaresse van de huisjes kwam ons regelmatig wat lekkers brengen zoals bananenpannekoekjes, bananenbrood en vers fruit.
Na een week zijn we de boot weer opgestapt, terug naar Tahiti. We zijn Papeete nog even ingelopen, maar dat was erg warm met al onze tassen. Dus hebben we een bus gepakt naar het vliegveld. Daar hebben we vervolgens 13 uurtjes gewacht op onze vlucht, dus konden we mooi de laatste boeken uitlezen..! Toen we door de douane gingen om het land uit te gaan, konden we het niet laten om toch nog even heel vriendelijk een stempel voor ons paspoort te vragen. De man in het hokje begon te lachen en zei 'vooruit dan, normaal doen we dit niet'. Wij dachten moooooi! Toch nog een stempeltje van Tahiti!

Na zes uur vliegen kwamen we aan op Paaseiland, oftewel Rapa Nui (= grote rots) zoals de eilanders het zelf noemen. Het is een Polynesisch eiland in de Grote Oceaan, dat staatkundig bij Chili hoort (3600 km / 5 uur vliegen verderop) en een provincie van dat land is. Paaseiland is vooral bekend door de honderden Moai (stenen beelden) die er te vinden zijn. Die zijn erg mooi, meters hoog, tonnen zwaar en indrukwekkend om te zien. De hoofdstad van Paaseiland is Hanga Roa, een klein dorpje en tevens het enige dorp op het eiland. Maar wel een erg leuk dorpje met veel restaurants en winkeltjes. Alles is er ook heel puur; je vindt er geen grote hotel ketens en alles is lokaal geregeld. Geen massatoerisme.
Het eiland is ongeveer even groot als Texel en er wonen slechts 6000 mensen. Het is een van de meest geïsoleerde eilanden ter wereld: het dichtstbijzijnde bewoonde eiland, Pitcairn, ligt er 2075 km van vandaan. De naam Paaseiland werd gegeven door Jacob Roggeveen, die op paaszondag in 1722 met drie schepen het eiland aandeed.

Wij zijn er een week geweest. Langer dan de meeste toeristen daar, maar we hebben ons er prima vermaakt. Er is veel meer te doen dan op Tahiti en Moorea. We hadden een tentje gehuurd op een camping vlakbij Hanga Roa, inclusief matrasje, slaapzak en een mini bagagetentje. Leuk én goedkoop.
De eigenaar van de camping haalde ons op van het vliegveld en deed ons meteen een bloemenslinger om de nek :)

Die middag zagen we al het eerste moai beeld. We vonden het best wel bijzonder om het in het echt te zien en hebben meteen maar een eilandtour geboekt. De beelden zijn gehouwen uit vulkanisch gesteente en hebben de vorm van een torso met een veel te groot, langwerpig hoofd. Onderzoekers denken dat de beelden stammen uit de elfde eeuw en dat het overleden familieleden moeten voorstellen of toen nog levende stamhoofden. Hoe de beelden van de vulkanen, waar ze uitgehakt werden, naar hun definitieve plaats werden gebracht is nog steeds niet duidelijk. Ze hebben er allerlei theorieën over.

Tijdens de eilandtour hebben we nog veel meer moai beelden gezien. Veel gevallenen (omgegooid tijdens vroegere clan oorlogen) en veel staande (ze zijn later door onderzoekers weer rechtop gezet). Bij Tongariki staan er vijftien naast elkaar, opgesteld op een ahu, een platform, en kijkend naar het binnenland. De zee ligt erachter.. Heel erg mooi! In het nationale park konden we vervolgens heel veel moai's zien die nooit verder zijn gekomen dan de plek waar ze zijn uitgehakt. Ze staan tegen de vulkaan aan en sommigen liggen zelfs nog in het gesteente, omdat ze nooit volledig zijn uitgehakt. Aan het eind van de dagtour zijn we nog naar Anakena beach geweest, een tropisch strand met veel palmbomen (en vallende kokosnoten, waarvoor we zelfs door de parkranger werden gewaarschuwd!) met ook weer moai beelden. Echt prachtig, jammer alleen dat het bij ons net begon te regenen..

's Avonds had de eigenaar van de camping een vis bbq georganiseerd. Bijna alle camping gasten, zo'n 12 man (niet zo veel ivm naseizoen), waren er; Japanners, Chilenen, een Argentijn, een Braziliaan en wij de twee Hollanders. Het werd een erg gezellig avondje! Met Chileense pisco, wijn, bier.. Om half drie 's nachts zijn we onze tent ingedoken.
De volgende dag hadden we een snorkeltrip.. Uitwaaien op het bootje en het verfrissende water in, dat deed ons goed haha. We hebben gesnorkeld bij een mooi rif, maar je hebt er bijna geen vissen, dat was wel jammer. Dat komt doordat er bijna geen plankton is. Later zagen we in het haventje nog wel twee reuzeschildpadden zwemmen.

De volgende avond hebben we een lokale dansvoorstelling bezocht, erg leuk om te zien. We mochten meedansen op het eind, maar dat hebben we maar niet gedaan. Het is echt niet normaal hoe soepel die mensen in hun heupen zijn. Daar zijn wij dus echt niet tussen gaan staan.. Gelukkig voor ons waren er genoeg bezoekers uit Zuid-Amerika die het wel heel erg graag wilden. Ze stonden echt te popelen om het podium op te gaan! Heel serieus, enthousiast en nogal overdreven (vonden wij..) dansten ze mee, balend dat ze even later het podium weer af moesten!

Tijdens onze laatste dag op Paaseiland zijn we een vulkaan opgelopen, naar het kratermeer Rano Kau. Het uitzicht was super. We hebben er ook nog het dorpje Orongo bezocht, waar traditionele huizen staan en talloze rotstekeningen van de vogelman te vinden zijn. We hebben de dag afgesloten met een geweldige felrode zonsondergang bij Tahai, waar meerdere moai beelden staan. Een mooie afsluiter van Paaseiland.

We zijn nu in Santiago, de hoofdstad van Chili. Afgelopen dinsdag zijn we hier aangekomen, vanuit Paaseiland dus, met een binnenlandse vlucht van vijf uur..! Ook hier is het weer erg mooi en we vermaken ons prima. We gaan richting het noorden reizen, om vanuit daar Bolivia en Peru in te gaan. Zodra we weer genoeg te vertellen hebben horen jullie weer van ons!

Liefs Pim & Lotte

Kia Ora!

Het is alweer even geleden, maar hier dan weer een bericht van ons. Nieuw-Zeeland zit er alweer op, de zes weken vlogen voorbij en het was echt ge-wel-dig mooi! We hebben erg goed weer gehad voor het naseizoen/herfst, overdag vaak rond de 22 graden en zonnig. Al hadden we de laatste week wel steeds vaker regen. Maar ja, de volgende bestemming: Frans Polynesië, heeft tropische temperaturen! En daar zijn we dus nu. Een droombestemming.. We zijn eerst twee dagen in Tahiti geweest en nu op Moorea, een eilandje ernaast, maar daar meer over in het volgende verhaal. Nu eerst Nieuw-Zeeland:

Onze rondreis in het mooie (let op hoe vaak het woordje mooi voorkomt) Nieuw-Zeeland begon 8 maart met lang wachten op het vliegveld van Christchurch. Om half 12 's avonds landden we, prima vlucht en op naar de douane. We dachten dat Australië binnenkomen 'lastig' was, maar nu hadden we echt met een chagrijnig mens te maken. We kregen kruisverhoor over waar we allemaal naar toe wilden in Nieuw-Zeeland en we MOESTEN plaatsnamen noemen.. Maar die wisten we toen ff niet uit ons hoofd. Of we dan niet de Lonely Planet hadden gelezen in het vliegtuig van Sydney naar Christchurch?! Nee, dit keer niet.. Zomaar, omdat het juist mooi is dat je niet precies weet wat je allemaal wil gaan doen. En daarnaast hebben we tijd zat, dus we gaan dat echt wel uitzoeken. Toen was mw. toch wel erg beledigd. We dachten nou moeten we morgen zeker terug komen, met een opstel over alle plaatsen waar we heen willen in zes weken, PLUS de bezienswaardigheden ter plekke ;) Ze was druk op onze landingskaart aan het krassen want we hadden er volgens haar ook al te veel opgezet. Wat een doos.

Het visum kregen we toch nog en we hoefden ook niet terug te komen! Mooi, toen gingen we de tassen ophalen en daar begon de volgende controle. Wat er in de tassen zit. Nou, veel.. We werden naar de zijkant gestuurd, net als alle andere toeristen met backpacks. Tassen uitgepakt, schoenen gecontroleerd op vuil eronder en toen alles goed was mochten we de boel weer inpakken. Na ruim een uur aan controles waren we dan Nieuw-Zeeland binnen. Al moesten we eerst nog tot tien uur die ochtend wachten, omdat we de camper niet eerder konden ophalen. Dus, een mooi plekje gezocht in de aankomsthal en geduldig gewacht. We hadden de dekentjes uit het vliegtuig meegenomen en dat was maar goed ook, want het was er een stuk kouder dan in Sydney (vooral als je bij een buitendeur gaat zitten midden in de nacht.. Maar we hadden geen zin om ons weer te verplaatsen). Slapen lukte niet, dus maar een beetje brochures gelezen en gelachen omdat het vliegveldpersoneel steeds de mensen wakker maakte die op de grond lagen te slapen, want dat mocht absoluut niet. Je moest op je stoeltje blijven zitten..

Om tien uur was het dan eindelijk tijd om het vliegveld te verlaten. Op naar Happy Campers! Hyper van slaapgebrek en enthousiasme, reden we na een halfuurtje weg in onze camper, om een paar minuten later gestopt te worden door een medeweggebruiker. Ons rechterachterwiel viel er bijna af.. Zo goedemorgen! We vonden al wel dat ie erg schudde, maar we dachten dat zal wel aan ons liggen: moe, al vier maanden niet gereden, best een grote auto en dan ook nog links rijden.
We hebben de man heel vriendelijk bedankt, zijn bij de eerste de beste afslag gestopt en hebben het verhuurbedrijf gebeld. Ze kwamen er meteen aan, het wiel zat compleet los en de bouten staken er uit.. Ze waren blij dat we zo snel gewaarschuwd waren, draaiden de vier bouten aan (de vijfde waren we al verloren..), reden met ons mee terug en we kregen een nieuwe camper.
Zo, tweede poging. We zijn meteen naar een camping gereden, een kwartiertje verderop. Het leek ons niet verstandig om die dag nog veel kilometers af te gaan leggen. Zo bleek ook, want al snel daarna knalden we tegen een spiegel van een andere auto aan, oeps.. Haha die klapte in en niet eraf gelukkig.

Op de camping was het een gezellige drukte. Vakantiegangers uit Europa, Australië en Nieuw-Zeeland zelf. Je maakt zo makkelijk een praatje en ze zijn zo geïnteresseerd en vriendelijk. We kregen zelfs van een wat ouder Australisch stel drie volle tassen met boodschappen. Ze gingen de volgende dag naar huis en konden de spullen toch niet meenemen in het vliegtuig. Echt zo leuk! En nuttig vooral.
We hebben die middag lekker een beetje rondgelopen, nog wat extra boodschappen gehaald, ons eigen potje gekookt in de camper (dat is toch ook wel weer erg fijn na zo vaak uit eten te zijn geweest! Verwend..) en 's avonds hebben we vroeg ons bed opgemaakt, na ruim 36 uur wakker te zijn geweest.

De dag erop was het dan echt zover. We hadden een beetje een route uitgestippeld en waren helemaal klaar om te gaan rijden. Op naar Akaroa, zo'n anderhalf uur van Christchurch vandaan. Het rijden ging nu heel wat soepeler dan de dag ervoor gelukkig. Akaroa is een leuk Frans dorpje, aan het water. De route er naar toe was meteen al super mooi en het is zo schoon overal. Groene bergen, uitgestrekte landschappen en zicht op de kust. We hebben er een dolfijnen cruise gedaan. Je vind daar de Hector dolfijn, de kleinste dolfijnsoort ter wereld, slechts een meter groot. We zagen er (maar) drie, maar ze zwommen en sprongen zo mooi om de boot heen dat het aantal niet uit maakte. De hond op de boot, 'captain Harper' en gekleed in zwemvest, waarschuwde steeds als ie een dolfijn zag door heel hard te blaffen. Grappig beest, hij werd helemaal gek! Even later zagen we ook nog eens heel veel zeehonden; een geslaagd tochtje.

Vanuit Akaroa zijn we richting het zuiden van het zuidereiland gereden. Via Lake Tekapo, een geweldig mooi blauw meer. We zijn gestopt op een zogenaamde DOC (department of conservation) camping, die zijn goedkoop (meestal geen personeel aanwezig), gevestigd op mooie locaties en goed onderhouden. Er wordt door de overheid streng gecontroleerd op wild kamperen en op heel veel plekken mag je niet meer zomaar je camper neerzetten. Best jammer, er zijn zoveel mooie plekken waar je zo wilt blijven staan. Dat hebben we de Nieuw-Zeelanders zelf ook al een paar keer horen zeggen. Tien jaar geleden mocht 't nog wel. Dit maakte het voor ons wel even een stuk duurder dan we dachten. We hadden op vaak gratis kamperen gerekend. Een goed hotel in Azië is goedkoper dan een camping in Nieuw-Zeeland.. Die DOC campings zijn dus een mooi alternatief.

We zijn 's ochtends al weer vroeg weggereden. En onderweg vaak gestopt. Bij Moeraki Boulders Beach (fosielen in grote ronde stenen die op het strand liggen), daarna naar shag point, waar we belachelijk veel zeehonden zagen! Heel erg mooi. We zijn het Otago Peninsula opgereden, een schiereiland met ook weer veel zeehonden, pinguins en albatrossen. Via een supermooie kustweg kwamen we uiteindelijk in Dunedin, een mooi stadje, waar we twee dagen zijn gebleven. Op een luxere camping, want douchen en wassen is af en toe ook nodig.. Het weer was er erg goed, zonnig en warm. We hebben 'oudejaarsavond' + verjaardag van Pim gevierd, inclusief slingers in de camper. (Bedankt voor alle felicitaties!) 's Avonds wilden we bbq'en, maar dat stomme ding deed 't niet. Ze hadden ons niet de goede slang meegegeven bij Happy Campers. Dus toen maar gewoon in de pan ge-bbq'ed! Ook goed.

Via de Catlins, een mooi natuurgebied, zijn we verder naar het zuiden gereden. Via Nuggetpoint, met wéér heel veel zeehonden, vogels, een mooie vuurtoren en gewoon een geweldig uitzicht op zee. De uitstekende rotsen in zee zijn de 'nuggets', vandaar de naam. We hebben weer een DOC camping opgezocht, een hele mooie aan zee. Echt alles is mooi....
Die volgende ochtend vroeg, zagen we ook nog een zeeleeuw op het strand. Echt geweldig, zo naast de camping..! Via mooie watervallen zijn we de dag er na verder gereden naar het meest Zuidelijke punt van Nieuw-Zeeland: Slope Point. Via een weiland, tussen de schapen door, kon je er naar toe lopen. Het regende en waaide flink, maar het uitzicht op zee was mooi en het voelt wel bijzonder om op het meest zuidelijke puntje te staan. Onderweg vonden we een gratis overnachtingsplekje aan zee. Via de kustweg er naar toe zagen we ineens dolfijnen! Er waren twee mensen aan het paddle boarden en de dolfijnen zwommen om ze heen.. Nou dat was echt prachtig om te zien! Nog geen drie meter van het strand af zag je de dolfijnen met die mensen spelen en ze in de golven zwemmen. Wat een geluk :)

We hebben de scenic route in het Zuidereiland, die begon in Dunedin, helemaal afgereden tot in Te Anau. Het weer was er weer heerlijk, niks te klagen, nog bruin geworden ook, in het najaar. We zijn het stadje ingelopen en hebben overwogen een tour te boeken naar Millford of Doubtfull sound (prachtige fjorden), maar we vonden het echt te duur.. We zijn de volgende dag zelf naar Millford Sound gereden, in de regen en mist (helaas, maar dat heb je daar meestal hoorden we, wel apart hoe het weer zo snel kan veranderen) via een mooie, bochtige weg en de Homer tunnel. We hebben in Milford wat gewandeld en uitgekeken op de mooie bergen, de fjorden en de cruiseboten en zijn daarna via de zelfde (en enige) weg teruggereden. We zijn doorgereden naar Queenstown. Echt een leuk, sfeervol stadje. We hebben er lekker op een terrasje gezeten en wat rondgelopen. Het mooie is dat de steden en dorpjes allemaal zo 'klein' zijn dat je er lopend zo goed als alles kan zien. Al zijn sommige dorpjes wel echt heel klein, met nog geen drie huizen en een cafe.. Grappig om te zien dat ze nog de moeite doen om er een plaatsnaambord bij te zetten. Wat is Keijenborg dan toch groot, en Westervoort al helemaal.. Haha!

Via Arrowtown, een oud goudzoekersdorpje met mooie oude gebouwen, zijn we de Crown Range Road opgereden naar Wanaka. Echt een prachtige weg door de bergen. Onze camper trok 't met moeite, maar we zijn er doorgekomen.

Op de camping aan een mooi meer, Lake Paringa, werden we vervolgens compleet opgevreten door zandvliegjes.. Vooral Pim heeft daar vrienden gemaakt. Wat een beesten zijn dat zeg! Ze gaan gewoon niet weg, ze prikken je en die bulten jeuken zo'n twee weken lang. Het was mooi weer, maar buiten zitten was bijna niet te doen door die beesten. Dus naar binnen. Alleen zat de hele camper vol met die dingen. We hebben de insectenverdelger erbij gehaald (dat hadden we ook van het Australische stel gekregen in Christchurch!) en het hok goed vol gesprayd. En of dat hielp, de vloer zag er zwart van. De mensen naast ons maar lachen, dat waren twee gepensioneerde Nieuw-Zeelanders met een camper van een meter of acht, met hordeur natuurlijk... Het zijn complete woonhuizen! Inclusief luxe keukens, hoekbanken, etc.

De volgende dag zijn we naar de gletsjers gereden. We hebben eerst de Fox Glacier bezocht. Een mooie wandeling, waarbij je 200 meter van de gletsjer vandaan loopt, verder mocht je niet zonder gids. Erg mooi om te zien, vooral ook hoe afwisselend het landschap in Nieuw-Zeeland is. Omdat we toch wat dichter bij een gletsjer wilden komen, zijn we naar Franz Jozef gereden. Daar was het niet mogelijk om een wandeling te maken, vanwege gevaarlijke omstandigheden als vallend ijs. Toen was de enige optie om er een scenic helikoptervlucht overheen te maken. En dat hebben we gedaan :) mooooi! Het was even spannend of het wel door zou gaan omdat er teveel bewolking was. Na drie keer een nee en uren wachten, mochten we aan het eind van de middag de helikopter in, op naar de sneeuw. Kregen we ook nog een upgrade van 20 naar een 30 minuten durende vlucht..! Het was zo ontzettend gaaf! Prachtig! We hebben over de Fox en over de Franz Josef Glacier gevlogen (en nog vele anderen, want er zijn er veel in dat gebied) en hebben de Mount Cook gezien. Halverwege stopte de helikopter op de gletsjers en zijn we uitgestapt in de sneeuw. Bij ons in de helikopter zat een gezin uit Tahiti, de twee kinderen hadden nog nooit in hun leven sneeuw gezien, erg mooi om die gezichtjes te zien :)

Na dit moois zijn we nog naar Lake Matheson gereden, het spiegelmeer, al was er teveel wind waardoor het nauwelijks spiegelde. (We zijn er daarom maar niet ingesprongen Bob..! Hadden we anders wel gedaan hoor). Toen de camper weer in, verder naar het noorden gereden. 's Nachts weer een gratis camping gevonden aan zee. Je mocht er weer alleen overnachten als je een self contained camper had (komt er op neer dat je een wc en een wasbak moet hebben). En die hadden we. 's Ochtends zagen we een bekeuring van 200 dollar achter de ruitenwisser zitten.. Dat was schrikken en balen, want het sloeg nergens op! We hebben aan de andere mensen die ook op de parkeerplek stonden gevraagd of zij er ook een hadden, maar geen van hen had een bon. Alleen wij.. Terwijl zij dezelfde stickers en pasjes op de camper hadden zitten als op die van ons. Dus op naar het gemeentehuis. En wat bleek, het self contained pasje op de vooruit zat verkeerd om, waardoor ze 'm niet konden zien.. En dan geven ze meteen maar een boete (fijn ook dat ze dat meteen goed doen bij het camperbedrijf). De bekeuring werd wel direct ongedaan gemaakt gelukkig!

Toen weer vrolijk verder, naar de pannenkoekrotsen 'Punaiki'. Dat zijn rotsen in laagjes, waardoor ze op stapels pannenkoeken lijken. Leuk om te zien. We stapten daarna de camper weer in.. en toen startte die niet meer! Accu leeg. Neeeeeee... Lekker dagje. We hadden al gemerkt dat ie zwak was, want hij startte vaker slecht. Dus, Happy Campers gebeld, startkabels geregeld, andere mensen gevraagd om te helpen starten en toen vlot door naar een garage 1,5 uur verderop. Daar werden we gelukkig meteen geholpen. Het camperbedrijf had ze al gebeld dat we er aan kwamen en na een nieuwe accu konden we al snel weer verder. Fijn! Op naar een camping..

Via mooie bergpassen zijn we naar Abel Tasman National Park gereden. Daar hebben we een kajak gehuurd bij Tata Beach. Super helder water, lekker weer, zeesterren, zeehonden.. Het was wéér prachtig.
Via leuke stadjes zijn we naar Nelson gereden. Daar is het middelpunt van Nieuw-Zeeland en werd ooit de eerste rugby wedstrijd gespeeld.
De dag er op zijn we naar Kaikaura gereden, wat zuidelijker en dus om, maar omdat daar veel walvissen voorkomen vonden we dat het ritje wel waard. Soms kun je daar de walvissen zelfs vanuit de kust zien. Dat geluk hadden we niet, maar we hebben wel weer veel zeehonden gezien. Die blijven ook mooi! Toen we richting de camping terug liepen kwamen we Thomas en Lim tegen, dit stel hebben we ontmoet in Bali met Fred en Annie en nu waren de rollen omgedraaid en waren Thomas zijn ouders er. Was echt leuk om ze weer te zien en te spreken! Grappig, dat je elkaar dan weer ergens tegen komt in een ander land, in een klein dorpje.

Toen weer terug naar het noorden. Bovenin het zuidereiland hebben we in Blenheim twee fietsen gehuurd en hebben we een wijnroute gefietst. Twintig kilometer, da's genoeg als je gaat wijnproeven. Was erg leuk! Ook hebben we nog een farmers market bezocht. We hadden fietstassen, handig voor al die flessen ;) haha

In Picton hebben we na drie weken zuidereiland de ferry naar het noordereiland gepakt, waar we ook nog weer drie weken te gaan hadden. (Ja, je bent pas halverwege het verhaal!)
Om één uur in de middag reden we met ons campertje de boot op en vertrokken we, om na vierenhalf uur varen aan te komen in Wellington. Het was een mooi boottochtje, door de fjorden van de Marlborough sounds. Wellington vonden we een erg leuke stad (niet groot voor een hoofdstad), 't noemt zichzelf 'the coolest little capital of the world'. Vanaf de camping zijn we er met de bus naar toe gegaan, op zich niet bijzonder, maar wel grappig was dat we een Nederlandse buschauffeur hadden. Is toch grappig dat je in een Nieuw-Zeelandse bus in het Nederlands te horen krijgt waar je uit mag stappen! We hebben er een paar uur rondgelopen, zijn met een oud treintje de berg opgegaan naar de botanische tuinen en hebben er het Te Papa museum bezocht, waar echt van alles over het land te zien is (van Maoricultuur tot een aardbeving-simulatie-huis en kunstwerken).

Na twee dagen in Wellington zijn we weer verder gereden. Onderweg naar het noorden zagen we in een klein plaatsje genaamd Foxton, een Dutch Mill. Deze Hollandse molen was pas nog gerestaureerd en het oude mannetje dat er werkte was zo enthousiast! We konden het dan ook niet laten om er met lege handen weg te gaan. Hij verkocht namelijk ook allerlei Nederlandse producten.. Van gehaktmix tot stroopwafels en bliksoep van de Euroshopper! Geweldig!

Toen was het tijd voor pittiger werk.. De Tongariro crossing in Tongariro National Park. Een wandeling die als behoorlijk pittig te boek staat en je (zoals de Lonely Planet zegt) niet zomaar ff loopt. Wij wilden 'm wel gaan lopen omdat het ons heel erg mooi leek. Er zijn drie vulkanen in het gebied en mooi gekleurde zwavelmeren. Bij de I-site waar we vervoer er naar toe regelden vertelden ze ons dat snelle mensen 'm in zes uur lopen, maar dat je er negen uur over mag doen. Dat is de laatste optie om opgehaald te worden na de trekking. Oké..
De volgende ochtend vertrokken we om acht uur. Het was super druk bij het startpunt (dan zal het ook wel meevallen, als zoveel mensen 'm lopen..) en stralend weer. Na het eerste uur begon de lange klim naar boven. Pittig.. Maar erg mooi, uitzicht op de rode krater. (Voor de filmkenner Mount Doom). Toen weer even vlak, toen weer stijl naar boven, om daarna een geweldig uitzicht te hebben op de drie prachtige groen-geel-blauw gekleurde zwavelmeren: the Emerald Lakes. Toen nog een prachtig blauw meer en daarna de mooie tocht naar beneden. Rokende kraters in het vulkanische gebied en mooie uitzichten. Maar wat normaal het makkelijkste is vonden wij het ergste, namelijk stijl naar beneden, pff.. Last van de knieen, blaren en last van de teennagels die in de schoenen drukten, maar ja, doorlopen. En ja, wij snelle mensen, waren na zes uur lopen bij het eindpunt!! Ha!!
Blij waren we toen we weer in het busje terug naar Whakarapapa village zaten, waar onze camper stond. Op naar Taupo, waar we op de camping meteen het thermale buitenzwembad van 40 graden zijn ingedoken. Misschien zou het helpen tegen spierpijn.. Pim's teennagels zijn nu, weken later nog blauw en we hebben drie dagen spierpijn gehad..! Maar het was het zeker wel waard!

Vanuit Taupo zijn we via de thermal highway naar Wai-O-Tapu gereden. Een heel bijzonder en mooi landschap met veel rokende kraters, thermale bronnen en een champagnepool, die rood aan de rand is en blauw en rokend in het midden. Devil's bath was groen.. En stonk net als alle anderen ook goed naar rotte eieren. Erg bijzonder allemaal. Daarna zijn we door gegaan naar Rotorua, waar ook nog steeds een sterke zwavelgeur in de lucht hing. Je hebt er ook weer veel thermale baden en bronnen. We hebben er het Maori museum bezocht en zijn daarna naar Whakarewarewa gegaan: 'The living Maori village'. Interessant om te zien hoe de mensen gebruik maken van de hete bronnen die ze daar hebben. Ze koken en ze wassen zich er in (niet in hetzelfde water haha). Ook werd er nog een Maori dansvoorstelling gegeven inclusief de beroemde Haka. De afsluiter was een grote spuitende geiser, metershoog de lucht in.

En toen weer heel wat anders: Hobbiton. De filmset van de film The Hobbit en The Lord of the Rings. Commercieel gebeuren, maar grappig om al die kleine huisjes te zien! Inclusief waslijntjes met kleine hobbit kleren, groentetuintjes en de wegwijsbordjes.. Alles is precies gelaten zoals het was tijdens het filmen. We kregen een aantal leuke weetjes van de film, zoals dat er één persoon is aangenomen om elke dag te lopen naar de waslijn om een echt pad te creëren. De dag erop regende het weer, dus een mooie dag om grotten in te gaan: the Waitomo Glowwormcaves. In het donker en op een bootje door de grot zie je boven je allemaal kleine lichtjes: de gloeiwormen.

We zijn vervolgens een paar honderd kilometer naar de rechterkant van het Noordereiland gereden, richting strand. Altijd goed, vooral als het weer opklaart terwijl ze hebben gezegd dat we een week regen kunnen verwachten! We zijn naar hot water beach geweest in Hahei. Gelegen op het (daar is ie weer) mooie Coromandel Peninsula. Omdat daar ook weer thermale reservoirs diep onder de grond zitten, kun je bij eb een gat graven en dan komt er heet water (tot 64 graden..) naar boven. Dus, een schepje gehuurd op de camping en graven maar. We waren niet alleen, het stukje strand (het kan maar op een klein stuk, we zaten eerst verkeerd en daar was het water inderdaad koud) zat bomvol. We hebben er zo'n twee uur gezeten, in een gat van een ander haha (plaatsgebrek), met een leuk Nederlands stel en hun twee meiden. Na twee uur werd het ons te warm en zijn we gegaan. We hebben diezelfde middag nog een wandeling gedaan naar Cathedral Cove. Een mooie baai, waar je alleen lopend kan komen.

In de laatste week van onze Nieuw-Zeeland reis zijn we nog naar Bay of Islands geweest, in het noorden van het Noordereiland. Mooi allemaal, maar het weer werkte niet meer echt mee. In het Waipoua Forest aan de westkust hebben we de Tane Mahuta bezocht. Dat is een reusachtige kauri boom, (zijn naam betekend Lord of the Forest) hij is naar schatting tussen de 1250 en 2500 jaar oud.
Daarna zijn we naar Auckland gegaan, en wel naar de dierentuin om toch nog de kiwi te zien. Het is de nationale vogel van Nieuw-Zeeland, die verder nergens anders voorkomt. In het wild zie je ze bijna nooit. Ze zijn vooral 's nachts actief, dus we hadden een nightwalk geregeld een paar dagen eerder, maar vanwege regen ging die niet door. Maar in de dierentuin hebben we 'm dan toch nog gezien! Slechts één, want ook daar laat ie zich nog maar moeilijk vinden. Geen foto helaas, want het was in een donker hok.. Ten slotte zijn we Auckland zelf nog in geweest. (Ook de Fat Camel/Nomads gezien Hellen!)

En toen was het tijd om de camper in te leveren! Na zes weken was het wel een beetje ons eigen huis op wielen geworden, ondanks z'n mankementen af en toe! Het is gewoon fijn om zo lang weer een zelfde bed te hebben (ook al lagen we op een keukentafel haha). Maar goed, we hebben 'm toch maar achtergelaten en zijn in vijf uur naar Papeete in Tahiti gevlogen. Ook weer een geweldige bestemming, de foto's en het verhaal daarvan zullen niet zo lang op zich laten wachten als bij Nieuw-Zeeland het geval was!

Lieve luitjes, dank alvast voor de moeite om 't hele verhaal weer te lezen en jullie leuke reacties. Tot snel maar weer!

Groetjes,
Pim en Lotte

G'Day mate!

We hebben uitgecheckt in het hostel, een van de oudste pub's van Sydney, en zitten al een paar uurtjes met een kop koffie in de zon te wachten totdat het tijd is om naar het vliegveld gaan. Vanavond vliegen we van Sydney naar Christchurch, Nieuw-Zeeland, om daar met een campertje zes weken rond te trekken. Daar hebben we superveel zin in! Maar de afgelopen weken waren ook weer geweldig!

Zo'n drie weken geleden kwamen we aan op Bali. We hadden een vlucht met Garuda vanuit Sumatra, via Jakarta naar Bali. Maar goed ook dat we dit ticket hadden geboekt (puur toeval) en niet die via een oostelijke bestemming op Java, anders hadden we er helemaal niet kunnen komen. Op oost Java waren de vliegvelden namelijk allemaal dicht vanwege de vulkaanuitbarsting een week eerder. Die vulkaan barstte uit op de dag dat wij er wegvlogen naar Sumatra. We hadden die week op Java twee vluchten gehad op de vliegvelden die een week later dus dicht waren, mooi mazzel gehad!

Eenmaal op Bali hebben we direct een taxi gepakt naar ons hotel in Sanur. Onderweg in de taxi zeiden we al, we lopen meteen naar Annie en Fred! Die waren dezelfde dag aangekomen en zaten in een hotel dicht bij die van ons. Maar toen we vlakbij ons hotel waren zag Pim ze (in het donker en zonder bril op!) al lopen. Dus, deur van de taxi open gegooid, tot grote schrik van de taxi chauffeur, en schreeuwen! En ja ze zagen ons! Super leuk en gezellig om ze weer te zien! We hebben heel wat bijgekletst en lekker gegeten en gedronken die avond. Fred en Annie hebben nog even op z'n Balinees gedanst :) Rond twee uur 's nachts hebben we ons hotel maar eens opgezocht. Moe, niet meer gewend om zo laat naar bed te gaan..

De volgende ochtend hebben we met z'n vieren het strand opgezocht en een taxi geregeld om het eiland te verkennen. Mady heette onze leuke, vriendelijke en goedlachse chauffeur. We zijn naar een houtsnijwerk fabriekje geweest, naar de Holy Water Temple, de Batur vulkaan (waar we lekker hebben gegeten met uitzicht op de vulkaan), de mooie, groene rijstterassen en naar het leuke dorpje Ubud. Een erg leuk dagje. 'S avonds hebben we bij het huisje aan het zwembad van Annie en Fred, stokbroodjes met gewone, lekkere kaas gegeten.. Heerlijk, na zo lang alleen maar cheddar kaas..!

De dagen er op hebben we ons vermaakt aan het zwembad, rondgelopen in Sanur en gezellige avondjes gehad met z'n vieren. Ondanks dat deze periode in het regenseizoen valt hebben we heerlijk weer gehad. Erg warm, af en toe een buitje, maar nooit lang. Dat dit een mooie tijd is om naar Bali te gaan wisten er meer, met name de oudjes.. Ons hotel leek wel een bejaardentehuis haha, we hebben de gemiddelde leeftijd goed omlaag gehaald daar!

Na een paar rustige dagen zijn we nog weer een dag met Mady op pad geweest, dit keer naar Nusa Dua beach, Bandawan- en Padang Padang beach en de Purah Luhur Uluwatu Temple. Erg mooie stranden, met veel apen en een mooie tempel hoog op een rots. De Uluwatu tempel torent vanaf een 100 meter hoge rots boven zee uit en stamt uit de 10e eeuw. Het is een van de belangrijkste zeetempels van Bali. 's Avonds hebben we aan zee gegeten bij Lia's Warung. Leuk mens! Fred bestelde 'fruit with ice' en kreeg letterlijk fruit met ijs(klonten)! Haha geweldig! Later begreep ze het en kreeg Fred zijn vanille ijs :) Lia had ook bitterballen met mosterd, heeeerlijk.

Op een van de laatste avondjes zijn we tijdens zonsondergang ook nog naar de Tanah Lot Temple geweest. De taxichauffeur (de neef van Mady, family business hè), zette ons af bij een luxe resort om zo de entreekosten voor de tempel te vermijden.. Altijd goed! Al dachten we wel waar komen we nu weer terecht, maar vanaf het luxe Pan Pacific resort hadden we een erg mooi uitzicht op de tempel. Deze ligt op een kleine rots in het water en is bij laag water te bereiken. Via een zwart zandstrand met rotsen konden we er vanaf het resort naar toe lopen. Erg mooi om te zien, heel erg druk en veel surfers in het water. Toen we weer terug liepen via het zwarte rotsstrand moesten we nog opschieten ook, want het water kwam steeds hoger te staan.. Haha, we hebben het droog kunnen houden!

Na tien hele mooie en gezellige dagen met z'n vieren op Bali was het tijd om weer naar onze volgende bestemming te vliegen. Annie en Fred bleven lekker nog een paar dagen langer. Ze hebben ons naar het vliegveld gebracht en ons uitgezwaaid en ook nog even een BN'er gespot, Rudolph van Veen, de blonde tv kok, stond achter Pim in de douane rij! Lachen! Dat was dan Bali :)

Na vijf uurtjes vliegen landden we op Sydney airport. Wel apart, normaal vlieg je er zo lang over en nu maar vijf uurtjes. Na aankomst hebben we nog wat geld gewisseld en de taxi naar ons hostel gepakt. De temperatuur beviel ons prima! Zo'n 25 graden, even wat koeler dan die 35 in Indonesië. Eindelijk weer lopen zonder je meteen kapot te zweten.. Wat klinkt dat verwend hè haha!
Ons hostel lag aan zee, Coogee beach, zo'n vijftien kilometer vanaf het centrum van Sydney. Een erg mooie kust, heel groen, met mensen die zich allemaal bezig lijken te houden met gezond leven.. Ze lopen hard, spelen voetbal met het gezin, liggen op het strand op te drukken en in de supermarkt is bijna alleen maar gezond eten te krijgen! Wel mooi om te zien haha! Compleet anders weer dan Azië, duurder ook vooral ;) Wij hebben ook maar even sportief gedaan en zijn vanaf Coogee beach naar Bondi beach gelopen. Een kustwandeling van 6,5 kilometer met fantastisch uitzicht op zee. Onderweg zagen we meerdere super mooie stranden, baaitjes en rockpools. Omdat we niet onder wilden doen voor de rest hebben we 'm ook nog maar weer even teruggelopen.

Na drie nachten aan Coogee beach zijn we het centrum van Sydney ingegaan. We hebben het Operah House bezocht, met daarachter de Harbour Bridge, de Botanical Gardens (geweldig groot en mooi, midden in de stad! Met zoveel kaketoes en papegaaien alsof het mussen zijn) en Darling Harbour's winkelcentrum (omdat er een beste onweersbui op komst was, dat zelfs in NL op het nieuws was hoorden we..).

Eergisteren zijn we naar de Blue Mountains geweest. Een gebergte met dichte eucalyptusbossen die de lucht een blauwe gloed geven, vandaar dat deze bergen "de Blauwe Bergen" heten. Het uitzicht vanaf Echo Point over deze Australische bergen met zijn inheemse dieren, diepe ravijnen en watervallen is echt heel mooi. Volgens overleveringen van de Aboriginals zijn hier drie zussen (Meehni, Wimlah en Gunnedoo) versteend. De drie uitstekende rotspunten worden dan ook The Three Sisters genoemd. Tijdens de tour hebben we in Katoomba ook een aboriginal voorstelling gezien, met dans en muziek, onder meer op de didgeridoo (lang houten blaasinstrument). We werden tot onze grote vreugde (!) allebei uitgenodigd om het podium op te komen en een dansje mee te doen..
Vervolgens zijn we naar Featherdale park gegaan. Een dierentuin, maar het mooie is dat de kangaroo's en de koala's er min of meer los rondlopen. Echt prachtige dieren! Koala's hadden we nog nooit in het echt gezien :) Verder hebben ze er heel veel inheemse vogels, het grappige wombat buideldiertje, de Tasmanian Devil en dingo's. Dus echt wel een bijzondere dierentuin, vonden wij.

En nu zitten we dus alweer te wachten op onze vlucht naar Nieuw-Zeeland. De tijd vliegt voorbij. Een week Australië is echt te kort, maar we vonden het geweldig om in ieder geval Sydney en de Blue Mountains te zien. Helaas niet meer, maar da's meteen een goeie reden om er nog een keer heen te gaan ;)

Over een paar weken horen jullie hoe het in Nieuw-Zeeland is!
We hoorden dat het in Nederland goed weer wordt dit weekend, geniet er van :)

Groetjes!
Pim en Lotte

Selamat Datang!

Weer tijd voor een (lang!) bericht van ons.
We zijn inmiddels in Indonesië, alweer bijna twee weken. Maar we gaan eerst terug naar waar we waren gebleven:

Ko Lipe (Thailand), nou dat hadden we al gezegd, dat was echt super, super mooi..! We zijn er vier dagen gebleven, maar dat hadden we eigenlijk wel wat langer vol kunnen houden. Het mooie huisje tussen de bloemen om het strand, het kraakheldere water, witte zand en de gezellige eettentjes.. Alleen één minpunt, een vreselijk krijsend kind van een jaar of twee in het huisje naast ons dat ons aardig op de zenuwen wist te werken.. Vier dagen lang, de hele dag door. Die hebben we heel wat vervloekt.

Langkawi (Maleisië) was onze volgende bestemming en dat was ook weer erg mooi. We zijn er met de speedboot vanuit Ko Lipe heengegaan. Wel grappig want je vaart dan de grens over. We moesten onze paspoorten inleveren voordat we de boot opstapten en kregen die op een vlot op het water weer terug. De 'boothalte'. Na weer een hels boottochtje van ruim een uur, de boot klapte als een idioot op het water ('the weather is bad today sorry for you!') kwamen we aan op het eiland Langkawi. Met een busje zijn we naar een douane kantoor gereden, zo'n twintig minuten rijden verder. Eenmaal de paspoorten gestempeld konden we weer verder. We hadden een fijn huisje, aan de rand van een bos vol met apen :) die kwamen dagelijks aan het eind van de middag een bezoekje brengen om te eten. De prullenbakken werden omver gegooid, de balkons geïnspecteerd op bruikbare spullen/eten en het hotelpersoneel was elke avond weer druk met ze verjagen, mooi om te zien!

Op Langkawi hebben we het eerste avondje heerlijk aan het strand gegeten en gedronken, even geen rekening gehouden met ons budget ;) de zonsondergang was ook nog eens supermooi, dus een geslaagde eerste dag weer in Maleisië. Daarna hebben we nog even duty free geshopt (daar is Langkawi voor locals populair om), met name wijn en bier haha! Echt eindelijk weer eens goedkoop! We hebben ons gedragen en niet té veel gekocht.
De dag er op zijn we naar Underwater world geweest, altijd mooi om te zien. Verder hebben we die week op het strand gelegen, het eiland per scooter verkend en we zijn met de kabelbaan de berg opgegaan, vanwaar we een mooi uitzicht hadden op het eiland.

Na een week hebben we weer de boot gepakt, naar Penang, weer een eiland. Daar kwamen we in het donker aan, dus direct maar een taxi naar het hostel gepakt en gegeten, lekker bij een Indische tent :) Op Penang zijn nog veel koloniale gebouwen te vinden. We hebben een route gelopen om er zoveel mogelijk van te zien. Erg mooi, maar ook heel erg warm.. We hebben daarna de kou opgezocht, in een shoppingmall ;) De volgende dag zijn we met de bus naar Penang Hill gegaan. Met het treintje stijl de berg op, om een mooi uitzicht op Penang te hebben. Was erg mooi! (En niks veranderd Hellen en Rox ;) ook de dikke grote spinnen hingen er nog ).

Na al die warmte zijn we naar een hoger gelegen gebied in Maleisië gegaan: de Cameron Highlands. Met een minivan (waar vooral Lotte een steeds grotere hekel aan krijgt, omdat die krengen altijd zo vreselijk hard scheuren..). Na vier uur door de bochten, jezelf vasthouden omdat we anders aan de andere kant van het busje terecht kwamen, kwamen we aan op onze bestemming Tanah Rata. Heerlijk een paar graden koeler! Wat klinkt dat verwend hè.. We hebben wat rondgelopen en een tour voor de volgende dag geboekt.
De tour begon in het mossy forest, een bos die opgebouwd is op mos. Als je er loopt voel je dat je opveert. Het is heel zacht. Apart en erg mooi en dichtbegroeid. Er komen ook geen bloedzuigers en muggen voor :) Daarna zijn we met de jeep naar de theeplantages gereden, super mooi hoe de thee daar tegen de heuvels opgroeit. Erg mooi uitzicht. We hebben een bezoekje gebracht aan de BOH theeplantage, waar we de fabriek in mochten en thee hebben geproefd. De tour eindigde met een bezoek aan de vlindertuin. Daar hebben ze de mooie grote Maleisische vlinder (zo'n 10 cm) en heel veel andere insecten en reptielen. De gids haalde bijna alle dieren uit hun kooitje, waarna we ze vast mochten houden. Van grote sprinkhanen tot schorpioenen..
De rest van de dag hebben we lekker buiten bij ons guesthouse gezeten. De omgeving is er echt mooi, erg groen, heuvelachtig, wat landelijker.

Minder landelijk was Kuala Lumpur! Daar zijn we weer geweest na de Cameron Highlands. Met de bus, even geen minivan als het ook anders kan ;) Leuk om weer een paar dagen te blijven. We hebben er weinig bijzonders gedaan, omdat we er ruim een maand daarvoor natuurlijk ook al waren. We hebben wel wat meer rondgelopen, omdat we inmiddels wat beter tegen de warmte kunnen dan de vorige keer ;) We zijn met de monorail naar Maharadjalela (leuke naam, willen we jullie niet onthouden) gegaan en hebben het Merdaka Square bezocht (onafhankelijkheidsplein) en het museum dat daar bij zit. Daar hebben we een karikatuur tekening van ons tweeën laten maken. Altijd leuk om te zien wat ze voor gekkigheid in je zien.. (hoezo we hebben een lange en een dikke kop haha!) Zie het resultaat bij de foto's!

Vanuit Kuala Lumpur zijn we met de bus naar Melaka gegaan. Het busticket regelen was nog een heel gedoe. Het gaat eigenlijk overal heel gemakkelijk in Maleisië, maar de bus naar Melaka vertrekt blijkbaar vanaf een ander busstation.. We hadden het in ons hotel nagevraagd en de receptioniste zei waar we het konden regelen, nou haar antwoord klopte dus niet. Na twee uur rondlopen, met het ov reizen en vragen, was er dan eindelijk een kantoortje die wel bustickets naar Melaka verkocht! Eenmaal op het busstation van Melaka hebben we weer een bus naar het centrum gepakt. Daar vonden we al snel ons hostel. Erg leuk van de buitenkant, nogal simpel aan de binnenkant. Het was net een cel: tralies voor de ramen (we hadden tenminste nog een raam, bij andere kamers was die er voor de sier opgeschilderd), een betonnen bed met matras en kussens en geen deken (toch warm zat hè). Maar ja, meer hadden we ook niet nodig. Met de airco aan toverden we het zo om in een koelcel :)
Melaka is een mooi oud stadje met een Nederlands verleden. Er zijn veel oude gebouwen, waaronder Dutch Square met het 'Stadthuys'. Deze werd alleen net gerenoveerd, dus we konden er helaas niet in. Daarnaast heb je er ook nog de gereformeerde kerk, een fort en Portugese kerken, met veel Nederlandse graven (hieronder leyt begraven Reynierd Dieu in syn leven oppercoopman in dienst der E comp overleden den 7 July a 1655). We hebben verder nog een bezoekje gebracht aan de Heerenstraat met het Heerenhuis en de Jonkerstraat, met veel leuke winkeltjes en kraampjes. Een erg leuk en sfeervol stadje!

Op 30 januari werden we 's nachts wakker gehouden door vuurwerk: Chinees nieuwjaar! Wij dachten dat het de dag erop was. Oeps, feestje gemist.. En wij maar zeggen goh wat een hoop vuurwerk hè, dat zal dan morgen wel nog meer zijn! Nou niet dus haha! Welkom in het jaar van het houten paard :)

Vanuit Melaka zijn we naar Johor Bahru gegaan, in zuid Maleisië, om vanuit daar de volgende dag de bus baar Singapore te pakken. Het is maar een klein stukje, maar omdat je steeds de bus uit moet met al je bagage ivm douane controles duurt het lang (in Maleisie uitstempelen, bus in, vervolgens de bus weer uit om in Singapore door de douane te gaan en dan de bus weer in). Toen we eenmaal in Singapore waren raakten we met een vriendelijk wat ouder Chinees stel aan de praat. Ze wezen ons de volgende bus naar ons hostel. We hadden echter alleen een briefje van 50 Singapore dollar die we nergens konden wisselen. De bussen hebben ook geen wisselgeld daar.. En om voor een busritje van een kwartier nou 50 dollar te betalen ging ons ook wel erg ver. En zwart rijden leek ons ook niet wat. De Chinese mensen gaven ons zomaar wat dollars zodat we de bus konden pakken :) zo aardig! Een goed begin van het mooie Singapore!

Ons hostel in Singapore lag aan de rivier. Een erg mooie plek, dichtbij bezienswaardigheden, restaurantjes en barretjes. We waren te vroeg om al in te checken in ons hostel dus hebben we onze tassen gedropt en ons twee uur bij een barretje aan de rivier vermaakt. Gezellig! Na het inchecken zijn we richting zee gelopen. Je hebt er erg mooie gebouwen, van koloniaal tot super de luxe en groot (drie gebouwen die aan elkaar zijn verbonden doordat er een soort boot bovenop ligt! En daar zit dan nog weer een park op.. Bizar) en verder is het er erg groen. Ook was er nog een Chinees nieuwjaarsfeest, met allerlei eetkraampjes, grote verlichte van papier gemaakte paarden, tempels, etc.

De volgende dag begon met een bezoekje aan de tandarts, doordat er een stuk van Lotte's kies was afgebroken een paar dagen eerder in Kuala Lumpur. Diezelfde ochtend werd het nog gerestaureerd :) inclusief verdoving, geboor, foto's en alles wat er bij hoort. Na ruim een uur en €308 lichter, stonden we weer buiten. Blij dat het klaar was, maar toen de verdoving uitgewerkt was werd het toch behoorlijk pijnlijk. Daar had de tandarts al voor gewaarschuwd: goed pijnstillers innemen omdat hij vlakbij een zenuw had zitten boren :s als het pijnlijk bleef moest ik een wortelkanaal behandeling ondergaan, kies laten trekken en een kroon. Ho ho, hij ging me al veel te ver.. Eerst maar eens afwachten. En allemaal niet nodig gebleken, gelukkig.

Die middag zijn we na het tandarts bezoekje toch maar meteen naar de Singapore Zoo gegaan. We hadden er maar twee dagen en wilden er zoveel mogelijk uithalen (er langer blijven was ons te duur..!) De dierentuin was erg mooi, met name omdat je er dieren hebt die je bij ons in een dierentuin gewoon niet ziet. Witte tijgers, komodo varanen, reuze schildpadden en panda's (die laatste hebben we alleen niet gezien). Na de Zoo hebben we de bus terug gepakt en zijn we naar The Gardens by the Bay gegaan. Dat was echt heel erg mooi. We liepen er 'per ongeluk' naar toe, via een shoppingmall. Dan kun je het dak op, pakt een roltrap, ziet een meertje, pakt een lift en vervolgens sta je in een soort droomwereld.. (beetje Avatar achtig). Echt bizar, zo mooi! Er staan hele hoge 'bomen' van staal met allemaal beplanting. We liepen er rond acht uur 's avonds en het leuke is dat er elke avond een lichtshow wordt gegeven met muziek. Mensen gaan op de grond liggen om al het moois te kunnen zien, wij zijn er bij gaan liggen :)
Toen we terug liepen, via de mall, waarin zelfs een riviertje is aangelegd met gondelbootjes (net Venetië), liepen we letterlijk tegen de volgende show aan. Wat een super land/stad! In het water werd met laserstalen een show gegeven. Er verschenen allerlei teksten en afbeeldingen in fonteinen, erg mooi!

Om zes uur de volgende ochtend ging de wekker.. Tijd om naar Indonesië te gaan, naar Yogyakarta op het eiland Java. Na drie uur vliegen kwamen we aan op een klein vliegveldje, met houten douane balies, één klein bagagebandje erachter en een scanner. Grappig, een groot verschil met Singapore. Voordat we naar de douane balie konden, moesten we eerst een visa on arrival kopen. Daar wilden ze onze dollars (die we bewust hiervoor bewaard hadden) niet hebben omdat er een klein scheurtje in zat.. Gelukkig hadden we al Indonesische Roepies, omdat we in Singapore onze laatste Singapore Dollars hadden ingewisseld voor Roepies, net genoeg, mazzel :)

In Yogyakarta hadden we een heel mooi sfeervol hotel, met een mooie tuin, een lekker zwembad en ontzettend vriendelijk personeel. Bij aankomst kregen we een welkomstdrankje, met lekkere hapjes, helemaal goed! We hebben het eerst maar weer eens lekker rustig aan gedaan. Het enige wat jammer was is dat het in deze periode regenseizoen is op Java, maar meestal bleef het bij een pittige bui en klaarde het daarna wel weer wat op.

De dag er na zijn we naar de Borobudur gegaan. Een erg mooie boeddhistische tempel, gebouwd in de periode 750 - 850. We waren er mooi op tijd, al om zes uur 's ochtends, voor de massa :) Al liepen er even later behoorlijk veel schoolkinderen rond die met ons wilden kletsen en met ons op de foto wilden. De Borobudur heeft negen verdiepingen en is opgebouwd als een grote stoepa. Op alle verdiepingen mag je lopen. We hadden een wat mistig uitzicht op de Merapi, de meest actieve vulkaan van Indonesië. De Borobudur heeft eeuwen lang onder vulkaanas verstopt gezeten, totdat deze in 1814 werd herontdekt. We hebben er ruim een uur rondgedwaald, tussen de stoepa's met boeddhabeelden en genoten van het uitzicht op de mistige groene vlaktes.
Onze volgende stop was bij het Sultan Paleis, het Kraton uit 1755, in Yogyakarta. Een groot complex middenin de stad met museums e.d. De huidige sultan woont er nog steeds. Het leukste daar vonden we Noordi, de Nederlands sprekende gids, die ons daar rondleidde! Een oud en krom Javaans mannetje met een glazen oog, van een jaar of 80 - 90 (naar schatting van onze chauffeur, jongere mensen spreken er vaak geen Nederlands meer). Hij sprak vloeiend Nederlands en kon goed 'ouwehoeren', oftewel "OH'en", zoals hij het noemde. Echt super leuk! Hij vertelde ons dat hij buitenlands oud geld verzameld en al een grote collectie heeft. Ook spaarde hij vroeger telefoonkaarten, maar ja die worden bijna niet meer gebruikt dus daar is ie mee opgehouden.
Hij is nooit in Nederland geweest en kan nog maar met heel weinig mensen Nederlands spreken, alleen de oude sultan kon het maar die is inmiddels overleden, dus zei hij dat hij maar veel Nederlandse kruiswoordpuzzels maakt. We hebben hem beloofd er een toe te sturen. Dat vond hij wel mooi! Hij had het liefst de Sanders of Denksport puzzelboeken.. dus.. We hebben zijn adres gekregen en nu maar hopen dat hij nog even geduld heeft. Voor zijn collectie hebben we hem maar een twee euro munt gegeven, ook al is het geen oud geld, hij was er blij mee! Misschien nog wel het meest omdat het 32.000 roepies waard is ;)
Na het Sultan Paleis zijn we nog naar de Prambanan hindoe tempel geweest. Deze is veel minder bekend dan de Borobudur, maar wij vonden 'm nog mooier!
Daarna zijn we weer teruggegaan naar ons hotel. Onderweg hadden we nog lol met de chauffeur, hij vond het erg leuk om de op Nederlandse lijkende Indonesische woorden met ons door te nemen! Knalpot (uitlaat), kopling (koppeling), radiator, doktor praktek (dokterspraktijk), polisi, ingenieur, doctorandus, fisioterapi, notaris, handuk (handdoek)... Grappig!! Eenmaal in ons hotel hebben we nog een Javaanse massage gehad en Indonesische Rijsttafel gegeten :)

Vanuit Yogyakarta zijn we met de nachttrein naar Malang gegaan. Een rit van ongeveer acht uur. We hadden de meest luxe klasse geboekt 'eksekutif' (voor slechts €15), met dekentjes en een kussen. Het waren wel gewone stoelen, geen bedden, dus echt veel geslapen hebben we niet. Toen het eenmaal licht werd hadden we een mooi uitzicht op de dorpjes en de groene rijstvelden langs het spoor en de mensen met de rieten punthoedjes die er in aan het werk waren.

In Malang hebben we ons vermaakt door wat rond te dwalen in de stad. We hebben gegeten bij Toko Oen, een oude Nederlandse eettent, met op de menukaart (zelfs in het Nederlands geschreven!) kroketten en uitsmijter rosbief :) Al smaakte het wel iets anders dan bij ons..!
De reden dat we naar Malang gingen was dat we vanuit daar naar de Bromo vulkaan wilden gaan. Ons leuke hostel (een houten hutje op het dak van een hotel!) bood mooie tours aan dus die hebben we geboekt. Om één uur 's nachts vertrokken we. Na een paar uur rijden kwamen we aan bij het uitzichtpunt vanwaar je de Bromo, Batok en Semeru kan zien bij zonsopgang. Bij mooi weer waarschijnlijk prachtig, maar wij hadden motregen en mist.. Helaas! Op de ansichtkaarten hebben we gezien wat je met wat meer geluk zou moeten zien :)
We vervolgden de tour naar de Bromo, waar we de vulkaan op zijn geklommen over het zwarte zand, zodat we de krater in konden kijken. Net een maanlandschap. Erg mooi om te zien, een diep zwart gat met veel rook én een sterke zwavellucht.
Na Bromo zijn we doorgereden naar Blawan, een klein dorpje zeven uur verder. Dus slapen in de auto.. Eenmaal daar hadden we een mooi sfeervol hotel uit 1894 (wel aan restauratie toe!), midden in de koffieplantages. In de avond zijn we nog naar de hotsprings en de waterval gelopen en daarna vroeg ons nest in gedoken, want de volgende dag ging de tour om vier uur weer verder... Naar het Ijen plateau met de Ijen krater. We kenden het beiden niet en wisten niet zo goed wat we ervan moesten verwachten. In het donker liepen we zo 'n drie kilometer stijl naar boven (behoorlijk afzien, vond Lotte!). Onderweg kwamen mannen met manden ons vergezellen, zogenaamde zwaveldragers, die liepen al rokend de berg op. Tjah, conditie.. Maar toen we eenmaal bij de kraterrand waren en de ontzettend sterke zwavellucht ons tegemoet kwam, hadden we echt een prachtig mooi uitzicht op een felgroen-blauw meer! Zo mooi!
Dit kratermeer, welke de Kawah Ijen wordt genoemd, breekt alle records. Zowel in grootte als in zuurtegraad. Met 700 bij 600m en een diepte van 200m is het fel groenblauwe meer een van de grootste kratermeren ter wereld. Doordat de pH waarde zo laag is kun je er niet in zwemmen. Het is het zuurste meer ter wereld.
In het meer zit heel veel zwavel, een gele stof die steen wordt. Het wordt o.a. gebruikt voor het maken van cosmetica en parfum. De zwavel wordt onder zware omstandigheden door de zwaveldragers onderin de krater gedolven en via smalle paadjes langs de kraterwand naar boven gedragen. Deze manden kunnen tot wel 90 kilo wegen. Sommigen maken de barre tocht tussen de plek op drie kilometer afstand van de vulkaan waar de zwavel gewogen wordt naar de krater tweemaal per dag. De opbrengst is 800 roepies per 2,5 kg. Kortom, nog geen 30.000 roepies / € 2 voor één mand..

Na deze indrukwekkende vulkanen zijn we door onze gids naar Surabaya gebracht. Weer een rit van zeven uur. We waren blij dat we in het hotel waren en een duik konden nemen in het zwembad. In Surabaya hebben we weinig gezien en gedaan, eerst maar weer eens bijgeslapen. We hadden een eigen keukentje op onze kamer, dus maar eens een lekker potje spaghetti gekookt!
Vanuit Surabaya zijn we naar Medan gevlogen, de hoofdstad van Noord Sumatra. Het is geen bijzondere stad, een grote Aziatische bende ;) We hebben daar dan ook weer niet veel gedaan. We zijn er maar één nachtje geweest, dus ook weinig kans gehad om er veel van te zien. Wel hebben we de motortaxi gepakt (brommertje met zijspan en dak) om naar de Pizzahut te gaan. We hadden afgesproken 2000 roepies te betalen, maar bij het uitstappen hadden we elkaar blijkbaar niet helemaal goed begrepen. Hij vroeg ineens tien keer zoveel! En dat kon Pim niet goed hebben.. Die werd even super link, schelden, en die ouwe vent maar lachen! Uiteindelijk hebben we hem toch maar gewoon betaald wat hij vroeg, het ging om €1,50 en da's de frustratie niet waard (maar het gaat om het principe.. Hè Pim). De pizza was lekker :)

En nu zijn we in Bukit Lawang, een dorpje slechts 90 km verderop, maar wel vier uur rijden. Bukit Lawang betekent letterlijk “deur naar de heuvels” en het is voornamelijk bekend vanwege het feit dat het een van de weinige plaatsen in de wereld is waar je Orangoetans in het wild kan zien :) En die hebben we gezien! Drie vrouwtjes met drie kleintjes, zo mooi! We hebben er een uur lang bij staan kijken. Geweldige beesten zijn het. Nu zitten we na te genieten op ons balkon dat uitkijkt op de rivier en het Gungung Leuser nationaal park. We kunnen de apen soms zien vanaf hier, dus een erg fijn plekje! Op dit moment onweert het echter als een gek, overal lichtflitsen, de regen valt met bakken uit de lucht en de stroom is uitgevallen. Maar we zitten nog steeds warm en droog op ons balkon.
We blijven hier nog een paar dagen en vliegen dan naar Bali :) Daar komen ook Annie en Fred (Pim's ouders) naar toe, hebben we tien dagen samen, dat wordt dus heel gezellig!!

Vanaf hier zeggen we tot het volgende verhaal maar weer! Alvast bedankt voor het lezen en jullie altijd weer leuke reacties!

Groetjes,
Pim en Lotte

Sawadee!

En toen waren we alwéér een maand verder.. De tijd vliegt echt voorbij! Allereerst willen we iedereen een gelukkig en gezond 2014 toewensen. Dank jullie wel ook voor al jullie nieuwjaarswensen :)

Op dit moment zitten we deze tekst te schrijven op de boot van Ko Lanta naar Ko Lipe. Beiden zijn eilandjes aan de westkust van Thailand met helder blauw water en mooie stranden, heerlijk! De boottocht duurt vijf uur, dus we hebben mooi even de tijd om jullie op de hoogte te brengen van wat we de afgelopen maand allemaal hebben gedaan en gezien.

Ons vorige verhaal eindigde in Hongkong. Vanuit daar zijn we naar Maleisië gevlogen, naar Kuala Lumpur. Een mooie stad. Eenmaal geland hebben we de trein naar de stad gepakt, toen de monorail, vanwaaruit we een mooi uitzicht op de stad hadden. Gelukkig was er airco want het was bloedheet en erg benauwd. Wel even wat anders dan we tot nu toe gewend waren! Toen we eenmaal bij de halte dichtbij het hotel waren moesten we nog een paar minuten lopen.. Bekaf en overhit, blij dat we er bijna waren en toen viel Lot aan de grond.. Haha! (Nu wel grappig). Doordat er een gat in het asfalt zat, gevolg: best gat in de broek, teen en knie kapot en voet verdraaid. Pim moest me opbeuren.. Kon niet zelf overeind komen doordat ik die grote tas op m'n rug had zitten en ik bek en bek af was. Leuk, zo rondreizen!! Eenmaal in het hotel kwam de hoteleigenaresse meteen al met de verbanddoos en sprak ze al over de dokter waar ik even heen moest. Erg aardige mensen, maar naar de dokter gaan was niet nodig. We hebben ons op de kamer even opgeknapt, zomerse kleren aan gedaan en van de kapotte broek maar een korte broek gemaakt ;)

We zijn lekker vijf dagen in Kuala Lumpur gebleven. Even rustig aangedaan, zodat we de tassen even konden laten staan en onze was naar de wasserette konden brengen. Je kunt er zo lekker eten, er is veel te zien (van super-de-luxe grote shoppingmalls tot mooie oude moskeeën), het is best een groene stad en de mensen zijn er vriendelijk. En ook niet onbelangrijk, het is er lekker warm. En vrijwel geen smog! Dat viel ons meteen op, de lucht is er veel schoner en blauwer dan in China en Hongkong.

Die eerste avond hebben we maar eens even goed gebruik gemaakt van het Happy Hour. Drie biertjes/halve liters halen, één betalen. Ze komen wel allemaal tegelijk..! Eentje voor direct gebruik en die andere twee krijg je in een emmertje met ijs. De cocktails waren voor de helft :) mooi avondje!

De dagen er op hebben we van alles in de stad bezocht, maar wel rustig aangedaan. Dat doe je vanzelf wel met die hitte. We zijn als eerste naar de 452 meter hoge Petronas Towers / Twin Towers gelopen. Deze twee torens zijn het hoofdkantoor van de Maleise nationale petroleum company. Via een brug die ook weer voorzien is van airco loop je er naar toe, grappig omdat je eigenlijk een heel stuk over het verkeer heen loopt. Je ziet de torens overal boven de stad uit torenen. Vooral 's avonds zijn ze mooi verlicht. Net als de KL oftewel de Menara tower.

De dag er op zijn we met de trein naar de Batu Caves gegaan. Een treinkaartje kost nog geen 50 cent voor een uur treinen! Het is een Hindu tempel bestaande uit drie grotten met een 43 meter hoge Murga, een hindu beeld. Er vlakbij stond ook nog een soort hulk.. een groot groen Hindu beeld met een hoofd dat lijkt op een hond.. Je 'klimt' de grot in via grote trappen, in totaal 272 treden. Een beste klim in die hitte, maar het was mooi om te zien.
Die avond zijn we nog even naar Jalan Alor gelopen, een straatje met alleen maar eetkraampjes en tafeltjes met stoeltjes. Bomvol en hartstikke druk!
Ook leuk was Jalan Petaling in Chinatown. Je hebt er allemaal namaakspullen, die best wel heel echt lijken. All stars, Nikes, parfums, etc... We vonden het allemaal nog best duur voor nep spullen en normaal kun je overal goed afdingen, maar hier deden ze echt nauwelijks wat van de prijs af. Dus, niks gekocht!

Na vijf dagen Maleisie met dus alleen maar Kuala Lumpur, zijn we naar Thailand gevlogen. Zoals we in ons vorige verhaal vertelden, wilden we de kerst graag op eilanden doorbrengen en dat was een stuk goedkoper in Thailand! Dus een korte vlucht naar Surat Thani (waar we een nachtje bleven, maar verder niet zoveel te doen was) en een boottocht van ruim vier uur naar Ko Tao, oftewel schildpadeiland, was het dan zover.. strand :) We hadden lekker hetzelfde resort als een paar jaar geleden geboekt. Leuk appartementje, met uitzicht op een mooie tuin en op de zee. Plus zwembad dat over lijkt te lopen in zee, super! We waren zo blij dat we er waren, helemaal omdat de bootreis er op zat. Die was zo vreselijk! Het water was erg wild, de boot schudde als een gek, je moest jezelf en je bagage heel goed vasthouden en Pim moest twee keer overgeven, net als vele anderen.. Het bootpersoneel was druk met het uitdelen van kotszakjes.. Bahbah! Spierwit kwam iedereen (inclusief wijzelf) van de boot af. We hadden deze boottocht al eens eerder gemaakt, een paar jaar terug, toen was er niks aan de hand. Maar ja, is dus niet altijd hetzelfde, maar strand maakt veel goed :) Cocktail en biertje erbij en genieten maar.

Na een paar dagen Ko Tao zijn we met de boot naar Ko Phangan gegaan. Een eiland onder Ko Tao. Slechts een uurtje varen. We hadden al pillen tegen zeeziekte ingeslagen, maar het was gelukkig een heel rustig, relaxed boottochtje. We konden lekker genieten van het uitzicht. Op Koh Phangan hebben we de kerst doorgebracht, in de zon aan het strand. Even wat anders, maar een aanrader hoor hihi! We hebben lekker gegeten en verder aan het strand gelegen, beetje rondgelopen en verder weinig bijzonders gedaan. Dat geldt eigenlijk ook voor het volgende eiland waar we naar toe gingen: Ko Samui. Hier hebben we oud en nieuw gevierd, aan het strand met een vuurwerkshow, cocktails en biertjes en de voeten in het zand. Super mooi was het! Daarna terug naar het hotel, niet zo laat gemaakt, om vervolgens op 1 januari fris en fruitig weer op te staan :) en een nieuwjaarsduik in het zwembad te maken.

Na al het 'gestrand' vonden we het even tijd voor wat anders. We hebben de boot gepakt naar het vasteland van Thailand en zijn naar Khao Sok gegaan. Een Nationaal Park, een jungle, van 160 miljoen jaar oud.. Zegt de Lonely Panet. Een van de oudste ter wereld. Maakt verder niet uit, het was er erg mooi :)
De reis er naar toe was wel weer grappig. En krap, het minibusje zat vol met mensen + al hun bagage.. We konden geen kant meer op. En maar scheuren die busjes, zsm op de plaats van bestemming zijn is hun service. En zo hard mogelijk door de bocht gaan. Maar na slechts anderhalf uur waren we er dus mooi wel! Blij dat we onze benen konden strekken. We konden al snel overstappen op een pick up naar ons hostel. Smiley bungalows, erg leuke huisjes middenin de natuur. Heel mooi! We hebben er een lake tour gedaan naar het Rachaprabameer. Een heel groot meer met een dam. Vroeger waren het verschillende rivieren met dorpen, maar sinds ze de dam er neer hebben gezet is het een groot meer geworden. Wel raar dat er zoveel dorpen door zijn vergaan.. We hoorden dit achteraf pas..
We hebben met een longtailboot op het meer gevaren, tussen de groene piekerige bergen. Echt een prachtig uitzicht. We zijn gestopt bij drijvende huisjes, waar we hebben gekanood (waar je behoorlijk van kunt verbranden..hoezo knal rode rug en benen?) en geluncht. Daarna zijn we de jungle ingelopen en een grot in gegaan. Met hoofdzaklamp :) dat was ook wel nodig, aangezien het er natuurlijk pikdonker was. De grot zat vol vleermuizen (altijd lekker, vleermuispoep dat op je hoofd valt) en kikkers en wat spinnen.. Van die laatste gelukkig niet heel veel, althans we hebben er niet veel gezien. We begonnen gemakkelijk in de grot, tot aan onze knieën in het water. Daarna moesten we er echter echt doorheen zwemmen en kruipen. Het was heel nauw, maar ook heel erg mooi en leuk! Na ruim een uur kwamen we er aan de andere kant weer uit. Van daar uit zijn we weer verder gaan lopen en hebben we de boot over het meer weer terug gepakt. Een erg mooi dagje :)

Omdat de plek ons erg goed beviel, zijn we nog een paar nachten in Khao Sok gebleven. Wel in een ander resort, omdat we vanwege de warmte behoorlijk naar een zwembad verlangden! Slechts honderd meter verderop vonden we die, inclusief een bamboehutje, voor weinig geld. We keken vanuit ons hutje uit op een tuin met mooie bloemen, met eekhoorns, gekko's en ander (on)gedierte.

Na een weekje Khao Sok zijn we weer richting de eilanden gegaan, nog steeds in Thailand, maar dan nu de eilanden aan de westkust. Hier zijn we nog niet eerder geweest. We zijn via Krabi, met de boot naar Koh Lanta gegaan. We hadden er weer een leuk huisje aan zee. Een paar stappen en we stonden op het strand. We hebben het best goed hè..? :)
Om wat meer van het eiland te zien hebben we een scootertje gehuurd. We hebben het hele eiland over gescheurd, mooie stranden én apen gezien en naar Lanta Old Town geweest. Verder is het ook lekker verkoelend op zo'n scooter door de wind, want warm is het hier zeker..! Het scheelt dat jullie in Nederland ook hoge temperaturen hebben voor de tijd van het jaar ;)

Vanmorgen hebben we dus de boot naar Ko Lipe gepakt, daar zijn we inmiddels aangekomen met de longtailboottaxi :) en WEER hebben we een huisje aan het strand. Je zou er bijna aan gaan wennen haha! Maar nu hebben we een huisje met hangmat voor de deur, het kan altijd beter hè..! Het bungalowtje staat tussen super mooie bloemenstruiken in alle kleuren en als we naar rechts kijken zien we een hele mooie heldere blauwe zee.. Dit strand is tot nu toe echt het mooist, super helder water, mooie witte stranden.. Heerlijk!
Je steekt ook zo lopend het eiland over naar het andere strand. In het straatje zijn veel restaurantjes, winkeltjes, etc... Een erg leuk sfeertje. Morgen gaan we snorkelen. En verder zien we het wel!

Zo! Dat was het weer voor nu. We gaan lekker genieten hier op Koh Lipe :)
Over een paar dagen zullen we verder gaan eiland hoppen, naar Langkawi, Maleisië. Wel bijzonder om via het water de grens over te gaan.

Warme groetjes voor jullie allemaal!
Pim en Lotte

Nì hào!!

Na bijna 'n maand is hier dan weer een (lang) bericht van ons :) Dank jullie wel voor de lieve en leuke reacties op ons vorige verhaal! Erg leuk om te lezen.


Op dit moment zijn we in Hongkong. De afgelopen maand hebben we China doorgereisd. Per trein, vliegtuig, fiets en boot. Het is echt een heel groot land.. twee keer zo groot als Europa, en dat merkten we goed qua reis afstanden.


Op 22 november zijn we China binnengekomen met de trein, het laatste stukje van de Trans Mongolië Express. Vanuit Mongolië was het nog zo'n 30 uur treinen. Een kort ritje voor ons, na de 5 dagen die we daarvoor al in de trein hadden gezeten. We stapten 's ochtends vroeg in, het was nog erg koud en in de trein zelf was het helaas niet veel warmer.. Pas toen het middag werd begon de trein een beetje op te warmen door de zon. Een heel verschil met de vorige rit, toen werd de trein nog goed verwarmd met kolen.. We hebben ons weer vermaakt met lezen, liggen, slapen en naar buiten kijken, genietend van het mooie uitzicht. Dat begon te veranderen van zandvlaktes in de Gobi woestijn met her en der een paard en heel af en toe een kameel, naar meer bergen, steile kloven en korte tunneltjes in China. De grensovergang van Mongolië naar China ging redelijk vlot, maar duurde al met al toch nog zo'n 5 uur: paspoortcontrole in Mongolië vlakbij de Chinese grens en daarna weer een paspoortcontrole in China, net na de Mongoolse grens. De bagage werd niet echt gecontroleerd, wel kwamen er weer honden in de trein en onze paspoorten werden ingenomen. Die kregen we een uur later met stempels weer terug. Eigenlijk ging alles weer precies hetzelfde als tijdens de grensovergang van Rusland naar Mongolië. Alleen werd nu het onderstel van de trein verwisseld terwijl we er in zaten! De trein werd opgetild, het onderstel werd er onderuit gehaald (we hingen dus..) en er werd een ander onderstel onder gereden. Dit allemaal omdat het spoor in China smaller is dan in Mongolië en Rusland. Was mooi om te zien! Nou ja zien, vanuit het raampje in het donker (het was midden in de nacht..) kon je er niet heel veel van zien, we konden wel voelen dat we werden opgetakeld. Spektakel :) overstappen in een andere trein zou toch veel sneller gaan.. Maar ja.. Dit is wel leuker!


De volgende middag kwamen we rond 3 uur aan in Beijing, oftewel Peking. Na een vreselijk koude nacht, met jas en sokken aan in bed.. Bah bah. Vanuit het raampje zagen we al aan de kleding die de mensen aanhadden dat het er wat warmer was, eindelijk, geen vrieskou meer! Het treinstation van Beijing was erg groot. We werden opgehaald door Lesley. Ons laatste georganiseerde stukje reis! We stapten met haar een Taxi in en ze zette ons af bij ons hotel in een hutong, echt een super leuke plek! Een hutong is een echte Chinese wijk, een heel levendig straatje, met typische Chinese huisjes en lampionnetjes. We hebben wat rondgelopen en lekker bij de mac gegeten hmmm, geen Peking eend helaas ;)


De volgende dag hebben we de metro gepakt, efficiënt, goedkoop EN in het Engels! Da's heel wat makkelijker dan het Russisch in Moskou. Het weer was goed, zonnig en een graad of 6. Eerst hebben we maar eens wat treinkaartjes geregeld op het treinstation, dat ging goed. Met handen en voeten, blij dat we de plaatsnamen hadden opgeschreven waar we naar toe wilden.. De vrouw achter het loket had de kaartjes snel geprint. Ondertussen hadden wij zo'n zes Chinezen in onze nek zitten. Jesus wat willen die mensen voorkruipen.. Ze staan daarnaast ook niet gewoon achter je, maar echt tegen je aan, nog net niet op je tenen! We konden er wel om lachen.. Één kaartje van de drie die we alvast wilden regelen, naar Xi'An, was niet meer te krijgen, jammer. Treinkaartjes zijn twintig dagen voor vertrek te boeken, alleen op naam en met paspoortnummer. Je kunt ze niet op het moment van vertrek aanschaffen, je moet ze van te voren kopen.. Dus je moet je reis wel enigszins plannen.. Je kunt kiezen voor een hardseat, hardsleeper of een softsleeper. Wij wilden hardsleeper kaartjes, aangezien je vaak langer dan 12 uur in de trein zit ('s nachts). De softsleeper kaartjes zijn veel duurder (te duur voor ons in ieder geval). De hardsleeper kaartjes zijn echter de meest gewilde kaartjes in China, dus ook het lastigst te krijgen..


Nadat we de eerste treinkaartjes dus grotendeels geregeld hadden, zijn we naar de Verboden Stad gegaan. Heel erg mooi en heel erg groot! Net als het Tianmenplein dat er voor ligt, met het Mao mausoleum. Het is het grootste openbare plein ter wereld. De Verboden Stad is de vroegere woon- en werkplaats van de keizer en zijn onmetelijk grote hofhouding. Tot 1911 was het de bron van alle macht in China. Het gewone volk mocht er niet naar binnen. Nu is het open voor iedereen. We liepen naar binnen via de Tiananmenpoort met de enorme Mao foto op de muur. De poort is een nationaal symbool geworden. Vanaf deze poort werden vroeger de toegestroomde mensenmassa’s toe gesproken. Mao heeft in 1944 vanaf deze poort de Volksrepubliek China uitgeroepen. En alle Chinezen willen voor deze poort op de foto.. Wij mochten er ook regelmatig bij op.. We hebben er zo'n twee uur rondgelopen, het is erg mooi, maar ook wel veel hetzelfde vonden wij. Er staan veel tempels, paleizen, beelden en massa's Chinezen. We hebben geluk dat we langer zijn dan de Chinezen, zo konden we tenminste nog wat zien op de plekken waar een hek voorstond ;) ze drukken zich ook gewoon overal tussendoor, je moet ze echt met de ellebogen tegenhouden!


Om het nog even bij tempels te houden, zijn we na de Verboden Stad naar de Lama Tempel gegaan: Yonghé Gong. Dit betekent Harmonie en vreugde paleis. Moet wel goed zijn :) Het is de meest kleurrijke tempel in Peking en een van de bekendste Tibetaanse tempels buiten Tibet. Er staan veel Boeddha beelden, waarvan een boeddha van 26 meter hoog. Mooi om te zien. De bezoekers vereren ze, steken een heleboel wierookstokjes aan, buigen dan diep en geven geld.. Hebben wij niet gedaan, d'r lag al geld zat.


Na de tempels zijn we naar het Olympisch plein gegaan. Ook al zo groot.. Vooral het olympisch stadion was mooi om te zien, het birdsnest. Hier liep ook al zoveel volk rond en vooral weer de Chinezen zelf die de toerist uithangen.


Die avond waren we helemaal op van het lopen. We zaten in ons hotel even op de ipad te kijken op zoek naar een treinkaartje of alternatief (slaapbus kan ook, maar zit geen wc in en dat is ons te lang voor een reis van 13 uur) naar Xi'An, bleek dat er nog 3 hardsleeper kaartjes beschikbaar waren, voor een dag later dan we in eerste instantie wilden. Dus, actie! Naar beneden rennen, we vroegen de receptioniste vragen of zij voor ons wou boeken aangezien we 20 minuten zouden moeten reizen om op het station te komen.. Ze belde wat en probeerde het een en ander, maar nee, dat kon ze niet :s Wij kunnen ze niet via internet boeken omdat je dan een Chinees bankrekening nummer nodig hebt. Dus, wij als een gek naar het station, voelde als een race tegen de klok: 3 kaartjes beschikbaar, terwijl 1,3 miljard Chinezen deze via internet kunnen boeken en wij willen er twee!! Eenmaal op het station vlogen we de ticket offices binnen en schoven het papiertje met onze bestemming, trein en tijd naar voren EN.. Ze waren er nog! Haha nou we voelden ons alsof we de loterij hadden gewonnen! Geweldig, onderweg maar even een paar biertjes en een fles wijn gehaald :)


De dag erop zijn we met een taxi naar de Chinese muur gegaan, zo'n anderhalf uur rijden buiten Peking. Geweldig mooi! Veel en veel mooier nog dan we dachten! Het was bewolkt, maar je kon de muur alsnog heel mooi door het landschap zien slingeren. We zijn met de kabelbaan naar boven gegaan en hebben er twee uur op gelopen. Met de rodelbaan konden we daarna weer naar beneden, haha ook erg leuk!


Diezelfde dag hebben we ook nog het Zomerpaleis bezocht, wat een grootheidswaanzin had die keizer zeg.. Het is een ontzettend groot park met een meer, mooie tuinen en paleizen. Toen we eruit wilden kwamen we erachter dat er 7 uitgangen waren.. Handig als je met de taxi chauffeur afspreekt en je niet weet bij welke uitgang hij staat.. Oeps.. Het duurde even maar we hebben hem teruggevonden :)


Na drie dagen Beijing was het tijd om verder te gaan, met de trein uiteraard! Op naar Datong, zes uurtjes treinen, een zeer kort ritje voor ons doen. Eenmaal uit de trein schrokken we van de kou.. Het vroor hier weer meer dan tien graden, vreselijk... Daar hadden we niet op gerekend. Echt snijdende vrieskou en gure wind! Nou ja, op naar het hostel. Die was prima, maar in Datong hebben we weinig beleefd. De kou en de grauwe luchten hielden ons dit keer echt tegen. We hebben er wel heerlijk (hete!) hotpot gegeten. Een typisch Chinees gerecht, dat we min of meer per ongeluk aten.. Er waren enkel Chineestalige restaurants in de buurt van ons hostel, met handen en voeten probeerden we uiteindelijk ergens maar iets te bestellen waar geen vlees in zat. We dachten zometeen moeten we nog hond, kat of schildpad eten, want die laatste hadden we al vaker voorbij zien komen.. Hotpot is een soort fondue, maar dan met een soort soep waar je groenten, vlees, noodles etc in dompelt en er dan uithaalt, in een sausje dipt en op eet. Wel lastig met stokjes, maar heerlijk en veel (en bijna te pittig)! Bijkomend voordeel was dat het inclusief drinken nog geen 4 euro per persoon kostte..


In Datong waren we drie dagen. We wilden er eigenlijk eerder weg, maarja we hadden al een treinkaartje voor vertrek vanuit die stad.. we konden die niet vervoegen of zo, en a la minuut een nieuw treinkaartje kopen om eerder weg te gaan gaat dus niet.Toen we dan uiteindelijk daar weg gingen, wilden we met de bus naar het treinstation. Bushalte zoeken in het donker in de vrieskou, navragen, trein nadoen, tjoeketjoeketjoeke zeggen.. Hoppa, tien minuten later de propvolle bus in met onze grote tassen en na twee haltes moesten we er volgens een Chinese man weer uit. Dat deden we, maar toen, welke bus moesten we daarna hebben? We hebben wel tien Chinezen gevraagd, maar niemand kon Engels en begreep het woord train. Frustrerend! We zijn de KFC ingelopen en hebben alle personeel opgetrommeld. Inmiddels waren we al zo'n halfuur verder en nauwelijks verder gekomen dan een straat achter ons hostel. We wilden graag dat iemand het woord treinstation in het Chinees opschreef zodat wij dat konden laten aan een taxi chauffeur (we hadden de bus inmiddels opgegeven). Maar probeer dat maar eens uit te leggen aan een Chinees die geen Engels kan.. Één jongen van de KFC begreep het uiteindelijk en schreef het voor ons op! Zo fijn! We waren zo blij dat we een paar minuten later warm in de taxi zaten.


De treinreis naar Pingyao duurde 13 uur. We sliepen met zes Chinezen in een ruimte, die je niet kan afsluiten. Dus het geroggel en gesnurk galmde lekker door de trein. De trans mongolie express was fijner. Het was er wel aangenaam warm. Om tien uur ging het licht uit en moesten we slapen. Oordoppen in en al slapend boemelden we verder. Om 6:22 kwamen we aan op onze bestemming. In Pingyao haalde de hostel eigenaren ons af van het treinstation, erg fijn! Hadden we van te voren met ze geregeld via de mail. Vriendelijke man en vriendelijke Engelssprekende (!) vrouw, super. Pingyao is een erg mooi stadje, helemaal ommuurd met oude stadsmuren. Het is het China zoals je je het voorstelt: typische grijze Chinese sierlijke huisjes in smalle straatjes, met overal rode lampionnetjes. Erg mooi! Er zijn verschillende films opgenomen. We hebben ons er een paar dagen goed vermaakt en het was er alweer wat minder koud. Geen vorst overdag in ieder geval. Fijn!


Xi'An was onze volgende bestemming in China. Wederom kwamen we er met de trein aan, met het lastig verkregen treinkaartje ;) Alleen Pim was er helemaal klaar mee! Hij slaapt slecht in de trein (harde bedden en krap) en als je in een te kleine ruimte zit met Chinezen zijn ze (op z'n zachtst gezegd) niet erg fris. Dat geroggel en gespuug is al niks, maar naast Pim zat die ochtend een kerel in de trein die steeds ongegeneerd scheten zat te laten. Ik heb me kapot gelachen!! Tranen rolden me over de wangen.. Wat een smeerlappen kunnen het ook zijn, bah! Daarnaast waren de lakens al gebruikt toen we het bed in kropen, ze waren nog warm van de vorige slapers en lagen helemaal verfrommeld. Je kon het ook ruiken aan het kussen.. Dus, eenmaal in Xi'an snel naar het hostel gelopen, gepakt en gezakt in zo'n twintig minuten (taxi kosten besparen hè) en gelijk maar even opgefrist. Erg fijn hostel, met goed Engelssprekend personeel, veel westerse reizigers en een gezellig cafe. Helemaal leuk! We hebben de buurt een beetje verkent, de Wild Goose Pagode bezocht met de bus (het ov is zo goedkoop, voor een kwartje reis je de hele stad bij wijze van spreken door) en we hebben wat boodschappen gehaald.


De volgende dag hebben we een tour gedaan naar het Terracottaleger, echt heel erg indrukwekkend! Het is ontdekt in 1974, toen een boer een waterput aan het graven was en bij toeval de bijzondere vondst deed. Uiteindelijk vonden ze 7000 levensgrote soldaten en paarden van terracotta, in volle wapenuitrusting. Geen twee gezichten zijn het hetzelfde. De benen zijn massief en het lijf is hol. Er zijn in totaal drie hallen, de soldaten en paarden liggen en staan in de grond en in de meeste hallen zijn archeologen nog steeds aan het graven. De beelden zijn gemaakt tijdens de Qin dynastie, door de eerste keizer van China: Qin Shihuang. Hij begon in 246 v.C met de bouw van deze begraafplaats (het moest een graftombe voor hemzelf worden) met bijna 750.000 opgeroepen arbeiders. Zij maakten de tombe en alle terracotta beelden.. Verder hebben we in Xi'An nog een Duitse kerstmarkt gezien, leuk :) toch nog een beetje kerstgevoel. Ook zijn we de Moslimwijk doorgelopen met de vele eet stalletjes.


Omdat we de trein dus wel gehad hadden, zijn we vanuit Xi'An naar Guilin gevlogen. Wat een luxe :) Met de trein was het een afstand van 28 uur, met het vliegtuig slechts 1 uur en 50 minuten... Qua prijs was het per persoon slechts €20 duurder. Dus daar hoefden we niet lang over na te denken! In Guilin voelden we meteen al dat het veel warmer was, zelfs al was het 8 uur in de avond. Je hebt er het karstgebergte, erg mooi en groen. Je ziet het overal om je heen. Eenmaal bij ons hostel hebben we de tassen gedropt, wat te eten besteld en heerlijk op het terras aan de 'perzik bloesem rivier' gezeten. Klinkt goed hè, nou dat was het ook :) Heerlijke plek! Super mooi en ook nog eens super goedkoop.. Eten voor 2 euro p.p. En slapen voor 4 euro p.p. Na heerlijk geslapen te hebben, zijn we de volgende ochtend naar de rijstterrassen van Longji gegaan in Ping An. Met een busje zijn we er in 2,5 uur naar toegesjeesd, de chauffeur was echt een kamikaze piloot.. De Spanjaard en de drie Amerikaanse Chinezen die erbij in zaten waren er ook niet echt gerust op. De Chinese/Amerikaanse man vroeg hem vriendelijk iets normaler te rijden, waardoor het gelukkig wat veiliger werd. Ze hebben echt de neiging om iedereen in te halen, links of rechts.. Voordat we bij de rijstterrassen aankwamen, bezochten we eerst nog Huangluo Yao Village, waar vrouwen extreem lange haren hebben. Ze knippen het slechts 3 keer in hun leven: als ze 1 worden, 18 worden en als ze kinderen krijgen. De vrouwen hebben een gemiddelde haarlengte van 1,6 meter! Bizar lang en ze dragen het op traditionele wijze, in een soort knot op hun voorhoofd. Daarna reden we verder door de bergen naar boven, waar we in een uurtje naar boven klommen om een heel mooi uitzicht te hebben op de rijstterrassen. In deze tijd van het jaar staat er alleen geen rijst meer in.. Ze oogsten het in oktober, in die periode is het heel geel van kleur, in de zomer groen. Maar nu (bruin en een beetje groen) was het alsnog heel mooi om te zien. Zelfs in de mist.


Een andere trekpleister in het karstgebergte is de Yulong en de Li river. Je kunt er vanaf Guilin komen, maar wij besloten naar Yangshuo zelf te gaan. Ruim een uur verderop met de bus. Een leuk plaatsje (voelde klein en gezellig, maar alsnog een stad met bijna een half miljoen inwoners). Het was wel toeristisch, maar leuk, met veel winkeltjes en restaurantjes. Inclusief de German Beer Balcony :) we hebben er niet gezeten.. Haha, we zijn weer lekker aan de hotpot gegaan. Ons hotelletje had een leuk balkon en uitzicht op de rivier. We hebben een bamboe bootje gehuurd (met bestuurder/mannetje die met een stuk de boot duwt, net als in Venetië) en de Yulong rivier afgevaren. Erg mooi, prachtig uitzicht op het karstgebergte. We hadden wel onze kont drijfnat van het water (vooral Pim haha), het mannetje vond het nogal leuk om de grootste watervalletjes uit te zoeken voor ons (zo groot waren ze op zich niet, maar het vlot is niet bepaald waterdicht)! De dag er op hebben we fietsen gehuurd, mooi, maar super link tussen al dat verkeer in de stad.. (Vond Lotte vooral..). In China letten ze totaal niet op voetgangers en fietsers. Het recht van de sterkste geld, ze behandelen je net als een overstekend dier en rijden je zo van de sokken, of fiets in dit geval. Eenmaal uit de stad ging het prima en voelde we (Lotte dus) weer wat veiliger :)


Vanuit Guilin zijn we weer verder gevlogen naar Xiamen, een grote stad aan de kust van China, net boven Hongkong. STRAND! Al was het niet echt strandweer. We hebben wel lekker onze slippers aan gedaan :) We hebben er een eilandje bezocht dat er slechts vijf minuten varen met de ferry vandaan ligt. Gulang Yu. Heel dicht bij Taiwan. Het doet wat Mediterraans aan, niet echt Chinees dus. Het heeft oude gebouwen en stranden en was leuk om even te zien. Er rijden geen auto's, ook wel erg fijn in China.. Verder hebben we het er rustig en vooral zuinig aan gedaan! Even op budget letten.. Met z'n tweeën op één dag slechts 11 euro uitgeven voor slapen, vervoer en eten, is toch best knap, al zeggen we 't zelf :)


En nu zijn we dus in Hongkong! Gisteren aangekomen, morgen vliegen we naar Kuala Lumpur, Maleisië. Hongkong is echt wel een wereldstad en schoner dan China. We zitten in een flat op Hongkong Island. We hebben een rondje gemaakt met de Star Ferry, naar Kowloon en terug, de drukke winkelstraten bezocht en met de Peak tram zijn we naar Victoria Peak geweest. Die laatste gaat stijl naar boven en is vast erg leuk bij mooi weer, maar bij ons was het zo mistig dat we net zo goed naar een witte muur konden kijken in ons hotel.. s: haha! Jammer, maar niets aan te doen. We hebben beide dagen in Hongkong mist en regen gehad.. Maar daarvoor (in China dus) dan ook geen enkele druppel. We mogen dus niet klagen!


Dit was het dan weer voor nu. Genoeg denken we! Wanneer we ons volgende verhaal er weer op gaan zetten weten we nog niet, dus voor iedereen alvast hele fijne kerstdagen en een goede jaarwisseling! Wij hebben voor de kerst alvast een vlucht geboekt naar Thailand en een bungalowtje gereserveerd op het strand :)


Tot snel, groetjes!


Pim en Lotte